logo
 
 
nieuwsbrief onderzoek
 
Mei 2017
 
 
Slechtere prognose van baarmoederkanker met discordante risicostratificatie
Verschillen in relatieve overleving lopen op tussen jong & oud met NSCLC
Minimale ongelijkheid in Nederland bij kans op chemotherapie bij borstkanker
Redelijk goede ramingen prognosetools bij borstkankerpatiënt tot 50 jaar
Type schildklierkanker verklaart verschillen in overleving 29 EU-landen
Lagere incidentie hand-voetsyndroom bij S-1-therapie uitgezaaide darmkanker
LIVE-trial: studie naar zelfmanagement voor patiënten met lymfeklierkanker
Het hemato-oncologieregister van de NKR: verleden, heden en toekomst
 
 
 
 
Slechtere prognose van baarmoederkanker met discordante risicostratificatie
 
 
Patiënten met baarmoederkanker met een hoog pre- en een laag postoperatief risico hebben een minder gunstige prognose in vergelijking met patiënten met een concordant laag risico. Dat zijn de belangrijkste bevindingen van een studie uitgevoerd door Florine Eggink (UMC Groningen) en collega’s naar overeenkomsten en verschillen tussen pre- en postoperatieve risicostratificaties. Volgens de onderzoekers onderstreept deze studie de onafhankelijke prognostische waarde van preoperatief, pathologisch onderzoek, waarvan de uitkomsten meegewogen dienen te worden in de klinische besluitvorming.   Lees verder
 
 
 
Verschillen in relatieve overleving lopen op tussen jong & oud met NSCLC
 
 
Patiënten met niet-kleincellige longkanker (NSCLC) kregen tussen 1990 en 2014 vaker een behandeling met curatieve intentie. Dit heeft tevens bijgedragen aan verbetering van de relatieve overleving. Deze ontwikkeling was minder duidelijk zichtbaar bij patiënten van 70 jaar en ouder, zo blijkt uit onderzoek van Lizzy Driessen (VieCuri Medisch Centrum, Venlo) en collega’s. De verschillen tussen de leeftijdsgroepen (tot 70 jaar versus 70 jaar en ouder) leken in de loop der tijd kleiner te zijn geworden bij stadium I, maar bleven onveranderd voor patiënten met stadium II. Bij stadium III en IV liepen de uitkomsten verder uiteen, vooral ten nadele van ouderen.   Lees verder
 
 
 
Minimale ongelijkheid in Nederland bij kans op chemotherapie bij borstkanker
 
 
Er is in Nederland minimale ongelijkheid wat betreft de sociaaleconomische status (SES) van patiënten met een vroeg stadium van borstkanker en de naleving van richtlijnen voor chemotherapie na een borstoperatie. Dat blijkt uit een studie van Anne Kuijer (Diakonessenhuis) en collega’s met gegevens uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Over het algemeen hebben patiënten met een lage sociaaleconomische status een iets kleinere kans om chemotherapie na de operatie te krijgen, maar dat is volgens de onderzoekers niet te wijten aan een gebrek aan financiële mogelijkheden. Het verschil wordt waarschijnlijk veroorzaakt doordat patiënten met een hoge SES meer geneigd zijn om alle therapeutische opties te doorlopen, zelfs als het voordeel daarvan onzeker is.   Lees verder
 
 
 
Redelijk goede ramingen prognosetools bij borstkankerpatiënt tot 50 jaar
 
 
Prognostische instrumenten als PREDICT en Adjuvant! geven over het algemeen redelijk goede ramingen voor de algehele 10-jaarssterfte bij patiënten met borstkanker tot 50 jaar. Bij een aantal subgroepen vertonen beide instrumenten echter onder- en overschattingen, zo blijkt uit onderzoek van Ellen G. Engelhardt (LUMC) en een groep collega’s uit binnen- en buitenland. Volgens de onderzoekers dienen prognostische instrumenten voorzichtig gehanteerd te worden, omdat schijnbaar geringe variaties aanzienlijke invloed kunnen hebben op de besluitvorming rond een medische behandeling.   Lees verder
 
 
 
Type schildklierkanker verklaart verschillen in overleving 29 EU-landen
 
De overleving van patiënten met schildklierkanker is tussen 2000 en 2007 toegenomen in Europa. Dat blijkt uit een omvangrijke studie met data van bijna 50% van de Europese populatie in 29 EU-landen. Volgens de auteurs kan de stijgende overleving, maar ook de variatie tussen landen, voornamelijk worden verklaard door verschillen in het type schildklierkanker en de sterke toename van het papillaire type. Ook wordt gewezen op het risico van overdiagnostiek en potentieel schadelijke behandelingen. Dit vraagt om meer specifieke diagnostiek en aanvullend onderzoek naar de langetermijnprognoses en de kwaliteit van leven van deze patiënten.   Lees verder
 
 
 
Lagere incidentie hand-voetsyndroom bij S-1-therapie uitgezaaide darmkanker
 
 
Therapie met het middel S-1 hangt samen met een significant lagere incidentie van het hand-voetsyndroom ten opzichte van behandeling met capecitabine bij Westerse patiënten met gemetastaseerde dikkedarmkanker. Dat blijkt uit een studie van J. Kwakman en collega’s gepubliceerd in de European Journal of Cancer. Bij geselecteerde patiënten kan behandeling, beginnend met fluoropyrimidine monotherapie, een geldig alternatief zijn voor combinatietherapie. Monotherapie wordt vaak gebruikt bij oudere of zwakke patiënten. Daarom mogen de uitkomsten van deze studie niet worden vergeleken met de resultaten bij patiënten met darmkankermetastasen in de algemene populatie.   Lees verder
 
 
 
LIVE-trial: studie naar zelfmanagement voor patiënten met lymfeklierkanker
 
Lymfeklierkanker en de behandeling ervan kunnen negatieve gevolgen hebben voor patiënten. Een kwart van de patiënten rapporteert psychische klachten tot lang na de diagnose. Betere hulpmiddelen voor het omgaan met kanker kunnen het risico op deze negatieve gevolgen verminderen. Daarom is oktober 2016 de gerandomiseerde trial ‘Lymphoma InterVEntion’ (LIVE) gestart. Daarin wordt onderzocht of individuele terugkoppeling van uitkomsten (kwaliteit van leven) en toegang tot een online zelfhulp (Leven met lymfeklierkanker) bijdraagt aan het verminderen van psychische klachten en eigen krachten versterkt, zoals zelfmanagement en tevredenheid over informatie.   Lees verder
 
 
 
Het hemato-oncologieregister van de NKR: verleden, heden en toekomst
 
 
Het hemato-oncologieregister van de NKR is een instrument om continu de incidentie, diagnostiek en inzet en uitkomsten van behandelingen van patiënten met een hematologische maligniteit te meten. IKNL stelt de resultaten van dit register beschikbaar aan ziekenhuizen, behandelaars, patiëntenverenigingen en andere belanghebbenden via landelijke en regionale rapportages. Daarmee wordt een bijdrage geleverd aan het bevorderen van samenwerking, richtlijnadherentie, evaluatie van nieuwe geneesmiddelen en kwaliteit van geleverde zorg, schrijven Avinash Dinmohamed (IKNL) en collega’s in een achtergrondartikel in het NTvH. Dit is een korte weergave.   Lees verder
 
 
 
 
European Hematology Congress

Twee onderzoekers van IKNL, dr. Mirian Brink en dr. Avinash Dinmohamed, verzorgen tijdens het 22th congress of the European Hematology Association (EHA) in Madrid drie posterpresentaties over de resultaten van recent onderzoek. Het gaat om cytogenetisch onderzoek bij patiënten met multipel myeloom, en incidentie, behandeling en overleving van primaire lymfomen in het centraal zenuwstelen en hairy cell leukemie. Het congres wordt gehouden van 22 -25 juni.

 
 
Lees verder
 
 
Follow-up borstkanker

De frequentie en duur van de follow-up na behandeling van borstkanker is nog steeds onderwerp van discussie. Maarten Otten, Annemieke Witteveen en collega’s van Universiteit Twente en IKNL beschrijven in het recent verschenen boek ‘Markov Decision Processes in Practice’ een studie waarin onderzocht is hoe de follow-up optimaal kan worden ingericht met het Partially Observable Markov Decision Process-model (POMDP) met als doel maximalisatie van quality-adjusted life years.

 
 
Lees verder
 
 
 
Agenda
 
vrijdag 16 en 30 juni 2017
Workshop ‘Door maatwerk meer grip, afstemmen bij keuze-ondersteuning'
IKNL, Utrecht
 
 
Donderdag 22 - zondag 25 juni 2017
22th European Hematology Congress
IFEMA, Feria de Madrid
 
 
Vrijdag 23 juni 2017
Oratie Maryska Janssen-Heijnen: 'Tijd voor actie - goud voor zilver'
Universiteit Maastricht
 
 
 
 
 
Over IKNL
 
Over IKNL
Abonneren nieuwsbrieven
Contact
 
Volg ons
 
twitter   facebook