Prognostische factoren voor overleving patiënten met slokdarmkanker

De overleving van patiënten met slokdarmkanker op middellange en lange termijn is positief geassocieerd met zowel tumorgerelateerde factoren (negatieve lymfeklieren en adenocarcinoomhistologie) als niet-tumorgerelateerde factoren (chirurgie, neo-adjuvante therapie en vrouwelijk geslacht). Die conclusie staat te lezen in een publicatie van Pauline Bus (UMC Utrecht) en collega's in de Journal of Surgical Oncology. Hoewel niet duidelijk is op welke wijze histologie en geslacht de overleving van deze patiënten beïnvloeden, kan kennis van deze factoren relevant zijn bij de klinische besluitvorming.

De middellange - en langetermijnoverleving van patiënten met slokdarmkanker is laag. Dat is waarschijnlijk te wijten aan kenmerken van deze tumor. Het doel van deze studie was om zowel tumor- als niet-tumorgerelateerde kenmerken te bepalen die van invloed zijn op de overleving van deze patiënten. Geïncludeerd werden patiënten met primaire slokdarmkanker die tussen 1990 en 2008 in Zuid-Nederland werden gediagnosticeerd. De onderzoekers pasten multivariabele logistische regressie toe om determinanten van overleving te identificeren.

Beïnvloedende factoren
In totaal werden 703 patiënten met slokdarmkanker geïncludeerd voor analyse van de 1-jaarsoverleving, respectievelijk 551 patiënten voor de 3-jaars- en 436 patiënten om de 5-jaarsoverleving te bepalen. De geringe 
1-jaarsoverleving bleek onafhankelijk geassocieerd te zijn met chemoradiatie (vergeleken met chirurgie), positieve lymfeklieren (N1-stadium) en 1 of 2 comorbiditeiten. 

Adenocarcinoom was in vergelijking met plaveiselcelcarcinoom significant geassocieerd met een betere 1-jaarsoverleving. De matige 3- en 5-jaarsoverleving was geassocieerd met N1-stadium en chemoradiatie. Positieve prognostische factoren voor de 3- en 5-jaarsoverleving waren het krijgen van neo-adjuvante therapie en vrouwelijk geslacht.

Klinische besluitvorming
Pauline Bus en collega's concluderen dat zowel tumorgerelateerde factoren (negatieve lymfeklieren en adenocarcinoom) als niet-tumorgerelateerde factoren (chirurgie, neo-adjuvante therapie en vrouwelijk geslacht) geassocieerd worden met een betere overleving van slokdarmkanker. Hoewel niet duidelijk is op welke wijze histologie en geslacht van invloed zijn op de overleving van slokdarmkanker, kan kennis van deze factoren relevant zijn bij de klinische besluitvorming.

Gerelateerd

Overleving van patiënten met slokdarmkanker significant verbeterd

De overleving van patiënten met slokdarmkanker is in Nederland significant verbeterd, vooral in de meest recente periode (2005 - 2014). Dat concluderen Margreet van Putten (IKNL) en collega’s van UMC Maastricht, Catharina Ziekenhuis, Radboudumc en Erasmus MC in een studie uitgevoerd met gegevens van bijna 36.000 patiënten afkomstig uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) uit de periode 1989 - 2015.  De gestegen overleving is volgens de onderzoekers  het gevolg van verbeterde stadiëring, betere selectie van patiënten en evolutie van behandelingen, waaronder neoadjuvante therapieën en centralisatie van slokdarmkankerchirurgie.  

lees verder

Betere overleving uitgezaaide maag- en slokdarmkanker in hoogvolumecentra

Patiënten met gemetastaseerde maag- en slokdarmkanker hebben een betere overleving na palliatieve, systemische therapie in behandelcentra of chirurgische centra met een hoog behandelvolume vergeleken met therapie in centra met een laag volume. Volgens Nadia Haj Mohammad (UMC Utrecht) en collega’s is dat een unieke bevinding, omdat uitsluitend palliatieve chemotherapie, een jongere leeftijd, metastasen in een enkel orgaan en een lage lactaatdehydrogenase hebben bijgedragen aan deze verbeterde overleving. Aanvullend onderzoek moet uitwijzen welke van deze factoren geassocieerd zijn met de betere resultaten van hoogvolumecentra. 

lees verder