Partijen stimuleren komende vijf jaar oncologische netwerken

De Taskforce Oncologie, het initiatief van NFU, NVZ, IKNL, SONCOS en LMK, stimuleert het vormen van netwerken voor oncologische zorg. Na een invitational conference in januari 2015 zijn zij aan de slag gegaan om een zogenaamd koersboek te schrijven. Hierin presenteren deze partijen hun gezamenlijke visie, waarin de ontwikkeling van Comprehensive Cancer Networks (CCN’s) centraal staat. Die moeten ervoor zorgen dat elke oncologische patiënt optimale zorg krijgt, ongeacht het startpunt van zijn zorgtraject. In dit koersboek maakt de Taskforce duidelijk wat een CCN is en op welke wijze de Taskforce daarbij kan ondersteunen. Het koersboek verschijnt na de zomer en wordt breed verspreid.   

CCN’s 
Een CCN is een samenwerking tussen eerste-, tweede- en derdelijns aanbieders van zorg aan kankerpatiënten. Zij leveren hoogwaardige oncologische zorg binnen een regio en maken gezamenlijk afspraken hoe deze zorg inhoudelijk te organiseren, monitoren en continu te verbeteren. De samenstelling van regio’s is tumorspecifiek. Het uitgangspunt: concentreren waar nodig, spreiden waar mogelijk. (Volume-)criteria zoals die van SONCOS zijn leidend.   

Verdere concentratie van oncologische zorg is geen doel op zich, maar krijgt op geleide van wetenschappelijke studies, hierop gebaseerde normen en uitkomsten van kwaliteitsregistraties vorm. Een CCN is tevens het platform voor verspreiding van kennis, onderzoek en onderwijs. Netwerken worden zodanig ingericht dat, gezien de snelle ontwikkelingen van innovaties, snelle adaptie wordt gegarandeerd.    
 
Regionale verschillen 
De omschrijving van CCN’s in het koersboek laat ruimte voor regionale verschillen in de concrete invulling. Deze zijn alleen al gewenst vanwege verschillen tussen regio's in bevolkingsdichtheid en voorzieningenniveau. De Taskforce wil de vorming van CCN’s stimuleren en faciliteren. Het gaat daarbij vooral om een ontwikkeling die 'van onderaf' plaatsvindt, waarin werkenderwijs de optimale omvang en verdeling ontstaan.   

Regionale rapportages 
Waar gewenst ondersteunt IKNL de ontwikkeling van de netwerken met regionale rapportages per tumorsoort uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Deze rapportages zijn een instrument voor de regio’s om in gesprek te gaan over de kwaliteit van zorg door deze onderling te vergelijken. De inhoud van de rapportages betreft vooral epidemiologische gegevens over de aard en resultaten van de behandeling, inzet van (dure) geneesmiddelen, verwijzingen van patiënten, enzovoort. Dit najaar heeft IKNL regionale rapportages voor mamma-, colorectaal, blaas/nier- en endometriumcarcinoom beschikbaar. In 2016 kunnen we deze informatie voor meerdere tumorsoorten leveren.   

Netwerkvorming in de praktijk 
Vertrekpunten zijn de huidige inrichting van de oncologische zorg, een actuele oncologische kaart van Nederland en normen. De Taskforce en deelnemende partijen stimuleren de al bestaande oncologische netwerken de nodige acties in gang te zetten met het oog op doorontwikkeling richting CCN. CCN’s komen zo organisch tot stand. Netwerkvorming is in verscheidene regio's al een eind op gang. Er is veel bereidheid om samen te werken aan kwaliteit en er bestaat brede steun voor het ideaal dat elke oncologische patiënt recht heeft op optimale zorg, ongeacht zijn of haar startpunt.   

De manier waarop de verschillende netwerken tot stand komen en de vorm die daarbij ontstaat, is verschillend. De samenwerking kan beginnen bij professionals, of meer top-down in gang worden gezet door bestuurders. Uiteindelijk blijkt het voor succesvolle netwerkvorming belangrijk te zijn dat alle belanghebbenden het proces actief steunen. Verschillen zijn er ook in de organisatorische vorm van de samenwerking binnen het netwerk. Op de meeste plaatsen richt men zich voorlopig op de inhoudelijke aspecten en het multidisciplinair overleg (mdo).   

Rol van de Taskforce 
De Taskforce zal het proces van netwerkvorming op verschillende manieren stimuleren. Door in gesprek te blijven met de belangrijkste spelers kan de Taskforce kansen en uitdagingen signaleren, best practices delen met de andere netwerken en vaststellen waar eventueel het proces van netwerkvorming vast dreigt te lopen. 
 
Meer informatie 
Meer informatie is verkrijgbaar bij Antoinette de Vries, senior adviseur oncologische zorg.     

Gerelateerd

Eén op drie kankerpatiënten kreeg andere zorg eerste weken COVID-19-crisis

senior man met mondkapje

Eén op drie patiënten met kanker heeft in de eerste vier tot zes weken van de COVID-19-crisis veranderingen in de zorg ervaren. Het ging hierbij om uitgestelde of afgezegde behandelingen en follow-ups of vervanging van consulten door telefoon- en beeldgesprekken. Dat blijkt uit onderzoek van Lonneke van de Poll-Franse (IKNL, NKI, Tilburg University) en collega’s. De crisis lijkt meer impact te hebben op het mentaal welbevinden van de algemene bevolking dan op patiënten met kanker, die door deze diagnose vaak al beperkt zijn in hun sociale contacten en bewegingsvrijheid.

lees verder

Circa een op vijf zorgverleners in palliatieve zorg heeft burn-out-symptomen

vermoeide zorgverlener

De prevalentie van burn-out (symptomen) onder zorgprofessionals in de palliatieve zorg levert een gevarieerd beeld op, zo blijkt uit systematisch literatuuronderzoek van Anne-Floor Dijxhoorn (IKNL) en collega’s. Toch laat een meerderheid van de geïncludeerde studies zien dat circa een op vijf zorgprofessionals in de palliatieve zorg hiermee te maken krijgt. Hoewel individuele interventies waardevol lijken te zijn, zijn interventies gericht op veranderingen binnen een team of organisatie waarschijnlijk effectiever.

lees verder