Reconstructie na hoofd-halskanker veilig na zorgvuldige selectie patiënt

Chirurgische behandeling van hoofd-halstumoren kan leiden tot complexe defecten. Microchirurgische reconstructie met een vrije gevasculariseerde lap is vaak geïndiceerd om een optimaal functioneel en esthetisch resultaat te behalen. Een tumorresectie gecombineerd met een vrijelapreconstructie wordt echter veelal niet aangeboden aan oudere patiënten. In deze studie evalueren Thomas Peters (UMC Groningen) en collega's complicaties (Clavien-Dindo classificatie) en (ziektespecifieke) overleving na een vrijelapreconstructie bij oudere patiënten.

Het betreft een retrospectief onderzoek naar patiënten met hoofd-halskanker bij wie in de periode tussen 1995 en 2010 in het UMCG een primaire vrije lap reconstructie is uitgevoerd. Comorbiditeit werd geclassificeerd volgens de comorbiditeitenindex voor volwassenen (ACE-27). Complicaties werden gescoord met behulp van de Clavien Dindo classificatie, waarbij graad III - V complicaties als ernstige complicatie werden geclassificeerd omdat in die gevallen een interventie nodig is. 

Lokale en medische complicaties
Er werd verder onderscheid gemaakt tussen lokale complicaties (donor- en acceptorplaats vrije lap) en medische complicaties. Patiënten jonger dan 70 jaar en 70 jaar en ouder werden met elkaar vergeleken. In totaal werden 202 patiënten (waarvan 33 ouderen) opgenomen in deze studie. Hierbij viel op dat oudere patiënten vergelijkbare comorbidteit-scores hadden als jongere, wat duidt op stringente selectie.

Multivariate analyse toonde aan dat alleen tumorstadium een significante voorspeller was voor het optreden van lokale complicaties en dat comorbiditeit de enige significante voorspeller was voor medische complicaties. De leeftijd van de patiënt was dus geen voorspeller voor complicaties. Verder waren er geen significante verschillen in ziektespecifieke of algemene overleving tussen jongere en oudere patiënten.

Biologische leeftijd
Thomas Peters en collega's concluderen dat optimale selectie van patiënten essentieel is voor vrije lap reconstructie na oncologische hoofd-hals chirurgie. Hierbij is een zorgvuldige preoperatieve screening onmisbaar, waarbij aandacht voor comorbiditeit van belang is bij zowel jonge als oudere patiënten. De biologische leeftijd - en niet de chronologische leeftijd - bepaalt of een patiënt een geschikte kandidaat is voor vrijelapchirurgie. Patiënten mag geen chirurgie worden onthouden op basis van uitsluitend diens kalenderleeftijd.

In Nederland werd in 2013 bij 2.880 mensen hoofd-halskanker vastgesteld. In 1990 ging het om bijna 2.100 patiënten, zo blijkt uit cijfers van de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Belangrijke oorzaken van hoofd-halskanker zijn roken en overmatig alcoholgebruik. Meer informatie is te vinden op NKR-cijfers.

  • Thomas T. A. Peters, Sophie F. Post, Boukje A. C. van Dijk, Jan L. N. Roodenburg, Bernard F. A. M. van der Laan, Paul M. N. Werker, Gyorgy B. Halmos: 'Free flap reconstruction for head and neck cancer can be safely performed in both young and elderly patients after careful patient selection'.

Gerelateerd

Zorg voor patiënten met hoofd-halskanker in diverse EU-landen suboptimaal

De kwaliteit van zorg voor patiënten met hoofd-halskanker is suboptimaal in diverse EU-landen, zo blijkt uit een studie van het “Information Network on Rare Cancers”. Nederland en Slovenië scoren, vergeleken met Ierland en Italië, relatief goed. In eerstgenoemde landen krijgt circa 75% van de patiënten een behandeling in een topklinisch ziekenhuis, terwijl dat aandeel in Ierland en Italië en de meeste andere EU-landen aanzienlijk lager ligt. De onderzoekers concluderen dat niet voldaan wordt aan de belangrijkste kwaliteitsindicatoren en bepleiten daarom maatregelen voor het waarborgen van goede kwaliteit van zorg voor deze patiënten. Bijvoorbeeld door deze zorg te centraliseren in gespecialiseerde centra.

lees verder

Samen voor patiënten met hoofd-halskanker

De zorg verbeteren voor mensen met hoofd-hals kanker is een ambitie die de Patiëntenvereniging HOOFD-HALS (PVHH) en IKNL delen. Daarom werken de patiëntenvereniging en het kennisinstituut al enkele jaren samen. Voor de patiënt en rondom uiteenlopende onderwerpen. Zo loopt er op dit moment een gezamenlijk onderzoek naar de psychosociale gevolgen van problemen met eten. Ook wordt samen bekeken hoe patiënten beter toegang kunnen krijgen tot nazorg. Een greep uit de lopende samenwerkingsprojecten.

lees verder