Symposium en inaugurele rede prof. dr. Sabine Siesling, 24 september 2015

In de kankerzorg wordt variatie gezien. Voor dezelfde aandoening kan de zorg in ziekenhuis A anders zijn dan in ziekenhuis B. De vraag is of dit ertoe doet. Beïnvloedt deze variatie de kwaliteit van zorg, het beloop van de ziekte, de overlevingskans, de kwaliteit van leven of de kosten die hiermee gemoeid zijn? 

Wanneer de richtlijnen aangeven dat de ene behandeling veel beter resultaat oplevert dan de andere behandeling, dan is deze variatie ongewenst. Echter, alvorens verbetertrajecten te starten, moet de oorzaak van de variatie worden bepaald; is de conditie of de wens van de patiënt een reden om af te wijken van de richtlijn? 

Variatie kan ook ontstaan doordat de aanbevelingen in de richtlijnen niet altijd gebaseerd zijn op wetenschappelijk bewijs en we niet zeker weten welke zorg het beste resultaat oplevert. De zorgvariatie kan dan vergeleken worden en zo tot nieuw inzicht leiden welke behandeling voor welke patiënt het beste resultaat oplevert. 

Daarnaast wordt de kankerzorg door nieuwe technologieën, zoals het bepalen van het genetische profiel, verbeterde beeldvorming en detectie van circulerende tumorcellen in het bloed, steeds beter op de individuele kankerpatiënt afgestemd. Welk effect hebben deze nieuwe (dure) technologieën en behandelmodaliteiten op de keuze van behandeling, nazorg en  uitkomst? Hoe gebruiken we deze nieuwe technologieën in de dagelijkse praktijk? Hoe worden de specialisten en patiënten ondersteund in hun keuze van een (na)zorgtraject? 

Om antwoorden op deze vragen te krijgen hebben de Universiteit Twente en IKNL de bijzondere leerstoel: ’Outcomes research and personalized cancer care’ ingesteld. De leerstoel wordt bekleed door prof. dr. S. Siesling. Voorafgaand aan haar inaugurele rede op 24 september zal een middagsymposium plaatsvinden op de Universiteit Twente in Enschede.  

Programma

Chair: Prof. Peter Huijgens, director Netherlands Comprehensive Cancer Organisation (IKNL)

12.25-12.30 Opening Prof. Peter Huijgens (director, IKNL, The Netherlands)

12.30-13.00 World-wide differences in cancer survival: the CONCORD-2 study Prof. Michel Coleman, MD (epidemiologist, London School of Hygiene and Tropical Medicine, London, UK)

13.00-13.30 Personalized care for rare cancers: centres of expertise Gemma Gatta, MD (epidemiologist, Istituto Nazionale dei Tumori, Milano, Italy)

13.30-14.00 Is clinical auditing influencing clinical practice? Thijs van Dalen, MD (surgeon, Diakonessenhuis Utrecht, The Netherlands, chair NABON Breast Cancer Audit)

14.00-14.30 Personalized medicine: the Netherlands Breast  Cancer project Prof. Sabine Linn (medical oncologist, NKI-AVL, Amsterdam, The Netherlands)

14.30-15.00 Technology and personalized care: to what prize? Prof. Maarten IJzerman (Universiteit Twente, Enschede, The Netherlands)

Aansluitend vindt op 25 september de FederaDag2015 plaats met als thema: Cancer and Numbers. Hier vindt u meer informatie.

Gerelateerd

QLQ-C30-samenvattingsscore heeft sterkere prognostische waarde overleving

QLQ-C30-samenvattingsscore heeft sterkere prognostische waarde dan andere subschalen

De QLQ-C30-samenvattingsscore (waarin alle symptomen en functioneringsschalen zijn opgenomen) heeft een aanzienlijk sterkere prognostische waarde voor het bepalen van de algehele overleving van patiënten met kanker dan de veelgebruikte schalen voor fysiek functioneren en algemene kwaliteit van leven. Tot die conclusie komen Olga Husson (NKI, Royal Marsden NHS Foundation Trust, Londen) en collega’s. Deze bevinding heeft belangrijke implicaties voor de klinische praktijk, niet alleen bij diagnose maar ook tijdens de follow-up. De onderzoekers adviseren daarom monitoringssystemen te implementeren om overlevenden van kanker langer te volgen.

lees verder

Gebruik meerdere (signalerings)bronnen verhoogt compleetheid registratie

Combinatie van bronnen verhoogt compleetheid registratie

Individuele bronnen waarin informatie over kanker is vastgelegd, zijn niet altijd volledig en accuraat, maar als verschillende bronnen worden gecombineerd verhoogt dat de compleetheid en kwaliteit van de registratie. Dat blijkt uit een studie van Kimberly van der Willik (NKI, Erasmus MC) en collega’s, waarin een vergelijking is gemaakt tussen gegevens uit de Rotterdam Studie en de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Hoewel de volledigheid van de pathologisch bevestigde diagnoses in beide registraties hoger was dan 95%, zijn er ook verschillen zichtbaar. Dit onderstreept dat bronnen over kanker complementair aan elkaar zijn en gecombineerd zouden moeten worden om een betrouwbaarder beeld te krijgen over de incidentie van kanker.

lees verder