Tegen het dogma in: peritoneale metastasen zijn wél behandelbaar

Hoewel vaak als ‘onbehandelbaar’ bestempeld, kunnen patiënten met dikkedarmkanker én peritoneale metastasen wel degelijk worden behandeld met onder andere cytoreductieve chirurgie in combinatie met hypertherme intraperitoneale chemotherapie (CRS-HIPEC). Uit onderzoek van Lieke Razenberg (Catharina Ziekenhuis, IKNL) en collega’s blijkt dat de overlevingskansen van deze patiënten tussen 1995 en 2014 significant zijn gestegen. Deze toename lijkt samen te hangen met de multidisciplinaire benadering van deze patiënten en het gebruik van moderne systemische behandelingen en het toepassen van locoregionale, chirurgische technieken.  

Het doel van deze studie was de impact te onderzoeken van de implementatie van nieuwe, systemische behandelingen en locoregionale behandelingen op de overleving van patiënten met dikkedarmkanker met peritoneale metastasen op populatieniveau. Hiervoor werden alle opeenvolgende patiënten met dikkedarmkanker en synchrone peritoneale metastasen (ontdekt binnen 3 maanden) geëxtraheerd uit databank van de Nederlandse Kankerregistratie (regio Zuid). Het ging hierbij om patiënten uit de periode tussen 1995 en 2014. 

Opzet en resultaten 
De onderzoekers stelden de trends vast in de behandeling en beoordeelden de algehele overleving verdeeld over vier perioden. Met behulp van multivariabele regressieanalyse werd het effect geanalyseerd van systemische en locoregionale behandelingen op de overleving. Tussen 1995 en 2014 werden in totaal 37.036 patiënten gediagnosticeerd met primaire dikkedarmkanker. Synchrone peritoneale metastasen werd gediagnosticeerd bij 1.661 patiënten, van wie 55% ook uitzaaiingen had naar andere locaties (n = 917).  

Een ruime meerderheid (n = 1.273, 77%) kreeg een therapeutische behandeling. Het aandeel systemische therapie nam toe van 23% tussen 1995-1999 naar 56% in 2010-2014 (p <0,0001). Cytoreductieve chirurgie met hypertherme intraperitoneale chemotherapie (CRS-HIPEC) wordt sinds 2005 toegepast. Het aandeel CRS-HIPEC steeg volgens de analyses van 10% in 2005-2009 naar 23% in 2010-2014. Chirurgische behandeling van lymfatische of hematogene metastasen steeg in dezelfde perioden van 2% tot 10%.  

De mediane overleving van het gehele cohort verbeterde van 6,0 maanden tussen 1995-2000 tot 12,5 maanden in het tijdvak 2010-2014 (p <0,0001), met een verdubbeling van de overleving van zowel patiënten met uitsluitend peritoneale metastasen als van patiënten met peritoneale metastasen waarbij andere locaties waren betrokken.  De invloed van het jaar van diagnose op de overleving verdween na inclusie van systemische therapie en locoregionale behandelingen in de diverse, multivariabele analysemodellen. 

Conclusie en discussie 
Lieke Razenberg en collega’s stellen op basis van deze population-based studie vast dat de overleving van patiënten met dikkedarmkanker en peritoneale metastasen significant is gestegen tijdens de onderzoeksperiode (1995-2014). Deze toename lijkt samen te hangen met de multidisciplinaire benadering van deze patiënten en het gebruik van moderne systemische behandelingen en het toepassen van locoregionale, chirurgische technieken.  

Ondanks het feit dat gerandomiseerde trials ontbreken en de uitkomsten van deze studie om die reden omzichtig geïnterpreteerd dienen te worden, kan volgens de onderzoekers worden gesteld dat peritoneale metastasen niet als een onbehandelbare aandoening beschouwd mogen worden. Daarom adviseren zij een multidisciplinaire benadering van deze patiënten wanneer dit mogelijk is. 

Population-based 
Verder wijzen zij erop dat deze population-based studie, zover bekend, de eerste is waarin een toename van de overleving wordt gesignaleerd voor het hele cohort patiënten met peritoneale metastasen. Een studie bovendien die een nauwkeurige weerspiegeling is van de dagelijkse, klinische praktijk en die ingaat tegen het dogma van peritoneale metastasen als een onbehandelbare ziekte. 
 

  • Razenberg LG, Lemmens VE, Verwaal VJ, Punt CJ, Tanis PJ, Creemers GJ, de Hingh IH: ‘Challenging the dogma of colorectal peritoneal metastases as an untreatable condition: Results of a population-based study’.

  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl  

Gerelateerd

Adjuvante therapie op maat voor patiënten met stadium II dikkedarmkanker

Een deel van de patiënten met stadium II dikkedarmkanker heeft baat bij adjuvante chemotherapie na het ondergaan van een operatie waarbij de dikke darm gedeeltelijk wordt verwijderd. Een nauwkeurige selectie van patiënten is van groot belang om patiënten enerzijds optimale overlevingskansen te bieden en anderzijds de toxiciteit van onnodige chemotherapie te besparen. De huidige manier van selecteren is grotendeels gebaseerd op klinische en pathologische factoren, maar inmiddels maken moleculaire technieken een betere prognostische classificatie mogelijk. De PATTERN-studie richt zich op het verbeteren van deze selectie voor adjuvante therapie. 

lees verder

Onderhoudsbehandeling met CAP-B is beter, maar niet kosteneffectief

Onderhoudsbehandeling met capecitabine en bevacizumab bij patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker levert betere gezondheidseffecten op gemeten in quality-adjusted life years (QALY’s) en extra kosten per levensjaar vergeleken met patiënten die observationeel worden gevolgd. Daar staat tegenover dat onderhoudsbehandeling leidt tot relevante verhoging van de medische kosten, zo blijkt uit een studie van M. Franken (UMCU) en collega’s. Hoewel in Nederland geen consensus bestaat over het hanteren van een drempel voor de kosteneffectiviteit van oncologische behandelingen, kan onderhoudsbehandeling met CAP-B volgens de onderzoekers worden beschouwd als niet-kosteneffectief.

lees verder