Type schildklierkanker verklaart verschillen in overleving 29 EU-landen

De overleving van patiënten met schildklierkanker is tussen 2000 en 2007 toegenomen in Europa. Dat blijkt uit een omvangrijke studie met data van bijna 50% van de Europese populatie in 29 EU-landen. Volgens de auteurs kan de stijgende overleving, maar ook de variatie tussen landen, voornamelijk worden verklaard door verschillen in het type schildklierkanker en de sterke toename van het papillaire type. Ook wordt gewezen op het risico van overdiagnostiek en potentieel schadelijke behandelingen. Dit vraagt om meer specifieke diagnostiek en aanvullend onderzoek naar de langetermijnprognoses en de kwaliteit van leven van deze patiënten.


De incidentiecijfers van schildklierkanker zijn de afgelopen dertig jaar in verschillende Europese landen gestegen, terwijl de sterftecijfers ongewijzigd bleven. Dat roept belangrijke vragen op over de juiste diagnostiek, behandeling en follow-up van patiënten met schildklierkanker.

Patiënten uit 29 landen
De gegevens voor dit onderzoek zijn afkomstig uit de dataset van EUROCARE-5 die gegevens bevat van 87 kankerregistraties verdeeld over 29 Europese landen, waaronder de data van de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) van IKNL. Deze studie geeft een beeld van de relatieve overleving van patiënten met schildklierkanker in Europa aan de hand van Europese regio, periode, incidentie, geslacht, leeftijd, en type schildklierkanker.

Overleving
De naar leeftijd gestandaardiseerde relatieve 5-jaarsoverleving na schildklierkanker was in Europa 88% bij vrouwen en 81% bij mannen in de periode 2000-2007. De overlevingspercentages verschilden per land en bleken sterk gecorreleerd te zijn met de incidentie in die landen. De relatieve 5-jaarsoverleving van vrouwen varieerde tussen de 95% in Kroatie tot 77% in Ierland. In Nederland bedroeg de 5-jaarsoverleving voor vrouwen 79% (Europa: 88%), terwijl die voor mannen varieerde tussen de 90% in IJsland en 61% in Letland. In Nederland was dit 78% (Europa: 81%).

Uit de cijfers blijkt dat het aandeel papillaire schildklierkanker in Nederland relatief laag is ten opzichte van andere landen (86% in IJsland tot 53% in Wales en 64% in Nederland / Europa: 71%) terwijl het papillaire schildklierkanker juist de beste overleving van alle types schildklierkanker kent. Bij vrouwen en mannen met papillaire schildklierkanker bedroeg de relatieve 5-jaarsoverleving 96% respectievelijk 92%. De 10-jaars overleving voor patiënten met papillair schildklierkanker die de eerste 5 jaar na diagnose overleefden, bedroeg 95% voor mannen en 97% voor vrouwen en zij zouden dus als genezen beschouwd kunne worden omdat deze cijfers vergelijkbaar zijn met de algemene populatie.

Follow-up op maat
Patiënten die schildklierkanker hebben overleefd, hebben sporadisch medische problemen op lange termijn. Deze klachten zijn hoofdzakelijk te wijten aan onvoldoende goed ingesteld zijn op vervangende hormoontherapie. Volgens de onderzoekers is het, gelet op de hoge overlevingspercentages, van belang dat het toenemende aantal ex-patiënten meer op maat gemaakte follow-up en hormonale substitutiebehandeling krijgen.

Ook de mogelijkheid minder uitgebreid te behandelen zou overwogen kunnen worden, gegeven het feit dat de meeste typen schildklierkanker een zeer goede overleving kennen. Dit wordt ondersteund door recente studies uit Japan, waaruit blijkt dat het resultaat van een directe operatie en waakzaam wachten even doeltreffend zijn om sterfte door papillair microcarcinoom van de schildklier met een laag risico te voorkomen.

  • Dal Maso L, Tavilla A, Pacini F, Serraino D, van Dijk BAC, Chirlaque MD, Capocaccia R, Larrañaga N, Colonna M, Agius D, Ardanaz E, Rubió-Casadevall J, Kowalska A, Virdone S, Mallone S, Amash H, De Angelis R; de EUROCARE-5 Working Group en in totaal 172 andere auteurs onder wie Otto Visser, Sabine Siesling (IKNL) en R. Otter. ‘Survival of 86,690 patients with thyroid cancer: A population-based study in 29 European countries from EUROCARE-5’.

  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl

Gerelateerd

Proefschrift: zeldzame kanker bepaald niet zeldzaam in Nederland en EU

In Nederland krijgen 14.000 patiënten per jaar te horen dat ze een zeldzame vorm van kanker hebben. Omgerekend komt dat neer op 17% van de totale incidentie van kanker in Nederland. Dat blijkt uit het proefschrift ‘Surveillance of rare cancers’ waarop IKNL-onderzoeker Jan Maarten van der Zwan 20 mei 2016 promoveerde aan de Universiteit Twente. Van de 260 gedefinieerde vormen van kanker trof hij 223 (86%) zeldzame vormen aan in Nederland. In Europa gaat het om gemiddeld 541.000 nieuwe patiënten per jaar. Volgens de promovendus onderstrepen deze bevindingen voor het eerst de omvang van zeldzame kanker in Europa, maar ook dat onderzoek naar deze zeldzame vormen van kanker mogelijk is door internationale samenwerking en uitwisseling van data. 

lees verder