Zorgplannen voor ex-patiënten vergen meer inhoudelijke afstemming

Het Amerikaans Institute of Medicine pleitte tien jaar geleden voor de implementatie van zorgplannen voor ex-patiënten die behandeld zijn vanwege kanker. In Nederland volgde de Gezondheidsraad destijds met een vergelijkbaar advies. Een decennium later blijkt dat het aantal implementaties van zorgplannen in klinische praktijk nog altijd minimaal is. Onderzoek door Lonneke van de Poll (IKNL) en collega’s wijst uit dat er nog steeds onvoldoende bewijs is voor grootschalige implementatie van zorgplannen. Echter, helemaal stoppen met het aanbieden van zorgplannen lijkt evenmin een optie.

Om het groeiend aantal mensen dat lang na kanker leeft (‘survivors’) te helpen met omgaan met de uitdagingen ná kanker, publiceerde het Amerikaanse Institute of Medicine in 2006 de aanbeveling om zorgplannen voor deze ex-patiënten op te stellen. Survivorship Care Plans (SCP’s) zijn formele documenten die niet alleen een op maat gesneden samenvatting bevatten van de behandeling zelf, maar ook een nazorgplan (follow-up). 

Implementaties gering
Sinds het verschijnen van de aanbeveling van het Institute of Medicine tien jaar geleden is het aantal implementaties van zorgplannen voor patiënten met kanker in de dagelijkse klinische praktijk nog altijd minimaal. In verschillende studies is onderzoek gedaan naar de effecten van dergelijke zorgplannen, onder andere ten aanzien van patiëntgerapporteerde uitkomsten en resultaten binnen de oncologische zorg en in de eerstelijn. Echter het aantal studies en de kwaliteit ervan is tot dusver beperkt.

De eerste vier gerandomiseerde trials, waarin zorgplannen voor kankerpatiënten zijn vergeleken met gebruikelijke zorg, lieten geen positief effect zien als het gaat om tevredenheid over de informatievoorziening, tevredenheid over de geleverde zorg, gevoelens van nood of kwaliteit van leven. Wel verbeterden deze zorgplannen de hoeveelheid verstrekte informatie en de communicatie van zorgverleners in de eerstelijn met medisch specialisten en patiënten. 

Trial aangepast zorgplan
Een recent uitgevoerde (kleine) trial, waarbij de focus binnen het zorgplan werd aangepast van primaire informatie-interventie naar een gedragsinterventie, liet positieve effecten zien op zelfgerapporteerde gezondheid, minder sociale beperkingen en een trend naar meer zelfredzaamheid. 

Hiaten in de kennis over zorgplannen voor ex-patiënten zijn onder andere onzekerheid over de inhoud en de lengte van het zorgplan. Maar ook: moet het zorgplan online of op papier worden aangeleverd, wat is de optimale timing en frequentie van aanbieden en welke zorgverlener moet het zorgplan presenteren? Tenslotte is er tot dusver weinig aandacht geweest voor de kosteneffectiviteit van interventies met deze zorgplannen.

Aandacht voor inhoud & ondersteuning
Lonneke van de Poll-Franse en collega’s concluderen dat er op dit moment onvoldoende bewijs is om grootschalige implementatie van zorgplannen te rechtvaardigen voor ex-patiënten die eerder zijn behandeld vanwege kanker, maar evenmin om helemaal te stoppen met het aanbieden van dergelijke zorgplannen. 

Meer nadruk op inhoud en proces van zorgplannen, betrokkenheid van patiënten met kanker en het ondersteunen van zelfmanagement kunnen een belangrijke stap voorwaarts zijn bij het aanbieden van zorgplannen aan deze mensen. Of het vervolgens op deze wijze implementeren van zorgplannen nuttig en rendabel is op lange termijn voor verschillende groepen kankerpatiënten moet nader onderzoek uitwijzen.

  • Van de Poll-Franse LV, Nicolaije KA, Ezendam NP: ‘The impact of cancer survivorship care plans on patient and health care provider outcomes: a current perspective’.

  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl

Gerelateerd

i-WORC studie: online cognitieve revalidatie voor werkende kankerpatiënten

i-WORC studie: online cognitieve revalidatie voor werkende kankerpatiënten

Van de kankerpatiënten die worden gediagnosticeerd in de werkende leeftijd (40-50%) keert 89% binnen 24 maanden terug naar werk. Een van de voornaamste problemen die patiënten rapporteren op het werk zijn cognitieve klachten. Vanuit individueel, sociaal en economisch perspectief is het belangrijk om werkende kankerpatiënten met deze klachten te ondersteunen om de impact hiervan te verminderen. In de i-WORC-trial onderzoeken Kete Klaver (AVL) en collega’s of een online cognitief revalidatieprogramma hierbij kan helpen.

lees verder

Meer onderzoek nodig naar rol van geslacht op carcinogenese & behandeling

In de oncologie wordt, in tegenstelling tot andere disciplines, nauwelijks rekening gehouden met biologische verschillen tussen mannen en vrouwen en de invloed van geslachtschromosomen en geslachtshormonen op zowel lokale als systemische determinanten van carcinogenese. Een groep deskundigen die eind 2018 deelnam aan een ESMO-workshop, concludeert dat er meer onderzoek nodig is naar sekseverschillen in de kankerbiologie en meer trials met geslachtsspecifieke doseringsschema’s. Ook is meer onderzoek nodig naar niet-geslachtsgebonden vormen van kanker of subgroepen met significante verschillen in epidemiologie of uitkomsten van behandeling, omdat deze als ‘biologisch verschillend’ worden beschouwd.

lees verder