Herziene richtlijn Vermoeidheid bij kanker in de palliatieve fase beschikbaar

De herziene richtlijn Vermoeidheid bij kanker in de palliatieve fase is gereed. De richtlijn is multidisciplinair en evidence-based gereviseerd en is sinds mei 2019 beschikbaar op Pallialine en als samenvatting in de webshop van IKNL en in de app PalliArts.  

Herziening

In de herziene richtlijn is duidelijker gedefinieerd wie verantwoordelijk is voor de signalering van vermoeidheid. Psychosociale interventies en bewegingsinterventies zijn meer onder de aandacht gebracht. Daarnaast is verduidelijkt dat medicatie alleen is geïndiceerd in de terminale fase. Bij de herziening is tijdens alle fasen gebruik gemaakt van de input van patiënten. Drie patiëntvertegenwoordigers namen zitting in de richtlijnwerkgroep.

Bij deze herziening is de inhoud van de richtlijn afgestemd met het Kwaliteitskader palliatieve zorg Nederland. De richtlijn gaat in op thema’s uit het kwaliteitskader zoals gezamenlijke besluitvorming en interdisciplinaire zorg. Ook is er eenduidigheid over definities. 

Maak vermoeidheid bespreekbaar

Vermoeidheid heeft een grote impact op de ervaren kwaliteit van leven van patiënten met kanker in de palliatieve fase. De richtlijn focust op het ondersteunen van de patiënt en diens naasten bij het verminderen van vermoeidheid en het leren omgaan met vermoeidheid. 

In de richtlijn wordt het belang benadrukt van het erkennen van de ervaren last van vermoeidheid, het aandacht besteden aan en het begrip tonen voor vermoeidheid. Er wordt geadviseerd vermoeidheid bespreekbaar te maken en voorlichting te geven over het symptoom en hoe hiermee om te gaan. Ook wordt het belang aangegeven van het systematisch meten van vermoeidheid, het zoeken naar onderliggende en in standhoudende factoren en het zoeken naar interventies ter vermindering van de vermoeidheid samen met de patiënt. Zie: Herziene richtlijn Vermoeidheid bij kanker in de palliatieve fase beschikbaar

Herziening overige richtlijnen

Er wordt gewerkt aan de herziening van een aantal andere richtlijnen. Zo heeft onlangs de startbijeenkomst plaatsgevonden voor de revisie van de richtlijn Palliatieve zorg bij mensen met een verstandelijke beperking en is een begin gemaakt met de revisie van de richtlijnen Palliatieve zorg bij mensen met COPD en Palliatieve zorg bij kinderen.

De herziening van de KNMG-richtlijn Palliatieve sedatie is in februari van dit jaar gestart. De richtlijncommissie bereidt op dit moment een literatuuronderzoek voor om na te gaan voor welke knelpunten eerder verricht onderzoek mogelijk een oplossingsrichting kan bieden. 

Updates richtlijnen palliatieve zorg

De komende drie jaar worden verouderde richtlijnen palliatieve zorg die veelal niet voldoen aan de huidige kwaliteitseisen van richtlijnherziening versneld ge-update samen met de relevante beroepsgroepen. Dit is de ambitie van IKNL en KNMG en staat beschreven in het meerjarenplan richtlijnen palliatieve zorg. Dit meerjarenplan geeft een noodzakelijke impuls aan richtlijnen voor zorgprofessionals werkzaam in de palliatieve zorg. 

Dankzij actuele richtlijnen met de laatste wetenschappelijke kennis erin verwerkt kunnen zorgprofessionals de beste zorg geven. Richtlijnen maken deze actuele informatie  toegankelijk en toepasbaar voor de brede en multidisciplinaire groep zorgprofessionals die werkzaam zijn in de palliatieve zorg. Hiermee kunnen zij de kwaliteit van zorg verhogen en beter invulling geven aan wensen, waarden en behoeften van de patiënt en naasten zoals beschreven in het Kwaliteitskader palliatieve zorg.

categorie: Palliatieve fase
Gerelateerd

Toenemend aantal patiënten vraagt mogelijk om efficiëntere organisatie MDO’s

De meeste patiënten met kanker worden in Nederland over het algemeen besproken in een multidisciplinair overleg, hoewel er verschillen zijn tussen de diverse tumorsoorten. Dat blijkt uit onderzoek van Janneke Walraven (Radboudumc & IKNL) en collega’s met gegevens van ruim honderdduizend patiënten uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Gelet op het stijgend aantal patiënten lijkt efficiëntere organisatie van MDO’s nodig om ook in de toekomst hoogwaardige, oncologische zorg te kunnen garanderen. De auteurs doen daarom een aantal aanbevelingen voor een andere werkwijze van MDO’s als aftrap voor een inhoudelijk debat.

lees verder

Verwijzing voor gamma knife: vaak jongere patiënten met lager stadium NSCLC

Patiënten met niet-kleincellige longkanker (NSCLC) en synchrone hersenmetastasen die verwezen worden voor een gamma-knife-behandeling, zijn doorgaans jonger en hebben een lager tumorstadium. Dat concluderen Deirdre ten Berge (Gamma Knife Center, Tilburg) en collega’s in Clinical Oncology. Doordat met gamma-knife-behandeling een hoog niveau van lokale controle kan worden bereikt, biedt deze techniek aanzienlijke kansen voor aanvullende behandeling van de primaire longtumor. Extra onderzoek is nodig om na te gaan of meer patiënten met niet-kleincellige longkanker en hersenmetastasen potentieel baat kunnen hebben bij een gamma-knife-behandeling.

lees verder