patiënt in bed krijgt steun naaste

Overleving van patiënten met gemetastaseerde dikkedarmkanker met dMMR

Patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker en mismatch-reparatiedeficiëntie (dMMR) die behandeld zijn met immunotherapie, lijken een duidelijk betere overleving te hebben vergeleken met de uitkomsten van andere behandelingen. Dat blijkt uit een studie van G. Emerens Wensink (UMCU) en collega’s van een groot aantal Nederlandse ziekenhuizen en IKNL. Volgens de onderzoekers mogen dikkedarmkankerpatiënten met mismatch-reparatiedeficiëntie niet als één groep beschouwd te worden.

Uit klinische studies blijkt dat patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker en mismatch-reparatiedeficiëntie voordeel hebben van immunotherapie. Interpretatie van de immunotherapie trials met slechts één onderzoeksarm wordt gecompliceerd door het ontbreken van voldoende onderzoekdata over systemische (niet-immuno)therapie. In deze studie worden overlevingscijfers gepresenteerd van een uitgebreid cohort patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker en mismatch-reparatiedeficiëntie die behandeld zijn mét en zónder systemische (niet-immuno)therapie.

Studieopzet

In totaal werden 281 dikkedarmkankerpatiënten met mismatch-reparatiedeficiëntie geïncludeerd in de analyse, van wie 54 afkomstig waren uit de fase-3 CAIRO-trials en 227 uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). De algehele overleving werd drie maal geanalyseerd: vanaf het moment van diagnose van uitgezaaide dikkedarmkanker; vanaf initiële eerstelijnsbehandeling en vanaf tweedelijnsbehandeling met systemische therapie. Met Cox-regressieanalyses werden prognostische factoren onderzocht. Om de algehele overleving van deze groep patiënten te vergelijken werden ook 2.746 patiënten geïdentificeerd met dikkedarmkanker zónder mismatch-reparatiedeficiëntie.

Resultaten

Van de 281 patiënten met mismatch-reparatiedeficiëntie ontving 62% een eerstelijnsbehandeling en 26% een tweedelijnsbehandeling. De mediane algehele overleving was 16 maanden (95% betrouwbaarheidsinterval 13,8 – 19,6 maanden) voor patiënten na kankerbehandeling en 2,5 maand (95% betrouwbaarheidsinterval 1,8 – 3,5 maanden) voor niet-behandelde patiënten. De algehele overleving van behandelde patiënten met mismatch-reparatiedeficiëntie was gerekend vanaf de start van eerstelijnsbehandeling 12,8 maanden (95% betrouwbaarheidsinterval 10,7 – 15,2 maanden) en 6,2 maanden gerekend vanaf tweedelijnsbehandeling. De mediane, algehele overleving van behandelde patiënten mét mismatch-reparatiedeficiëntie was 7,6 maanden korter vergeleken met patiënten zónder mismatch-reparatiedeficiëntie.

De algehele overleving van patiënten mét mismatch-reparatiedeficiëntie is in deze studie korter vergeleken met drie andere studies waarin een mediane algehele overleving van 26 tot 39 maanden is gevonden, maar gelijk aan drie andere studies waarin patiënten nog niet werden behandeld met immunotherapie. Dit verschil kan volgens de onderzoekers het gevolg zijn van verschillen in patiëntkenmerken tussen de studiecohorten.

Bij patiënten die minimaal behandeld waren met eerstelijns systemische therapie zagen de onderzoekers een significante samenhang tussen een betere overleving na metastasectomie en een slechtere overleving bij patiënten met een primaire tumor aan de rechterzijde bij diagnose. Lokalisatie van de tumor is een belangrijke prognostische factor bij patiënten met dikkedarmkanker, maar dit was tot dusver niet in verband gebracht met mismatch-reparatiedeficiëntie.

Hoewel in deze studie geen significante samenhang tussen BRAF-mutatie en overleving is gevonden bij patiënten die eerstelijns systemische behandelingen ontvingen, suggereren de uitkomsten dat patiënten met een BRAF-mutatie een hoger risico hebben op een kortere overleving.

Conclusie en aanbevelingen

De onderzoekers concluderen dat de uitkomsten van deze studie een sterk overlevingsvoordeel suggereren voor immunotherapie bij patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker en mismatch-reparatiedeficiëntie, gelet op de magere uitkomsten van andere behandelingen ten opzichte van immunotherapie. Momenteel ontbreken de data van een directe controle arm met standaard systemische behandeling in de trials met immunotherapie. De prognose van dikkedarmkankerpatiënten in het hier gepresenteerde cohort met mismatch-reparatiedeficiëntie is echter armzalig.

  • G Emerens Wensink, Marloes A G Elferink, Anne M May, Linda Mol, Patricia A H Hamers, Sandra D Bakker, Geert-Jan Creemers, Jan Willem B de Groot, Gerty J de Klerk, Brigitte C M Haberkorn, Annebeth W Haringhuizen, Ronald Hoekstra, J Cornelis B Hunting, Emile D Kerver, Danielle Mathijssen-van Stein, Marco B Polée, Johannes F M Pruijt, Patricia Quarles van Ufford-Mannesse, Sandra Radema, Ronald C Rietbroek, Lieke H J Simkens, Bea C Tanis, Daan Ten Bokkel Huinink, Manuel L R Tjin-A-Ton, Cathrien S Tromp-van Driel, Monique M Troost, Agnes J van de Wouw, Franchette W P J van den Berkmortel, Anke J M van der Pas, Ankie M T van der Velden, Marjan A van Dijk, Joyce M van Dodewaard-de Jong, Edith B van Druten, Theo van Voorthuizen, Gerrit Jan Veldhuis, Henk M W Verheul, Hanneke J H M J Vestjens, Jeroen Vincent, Onno W Kranenburg, Cornelis J A Punt, Geraldine R Vink, Jeanine M L Roodhart, Miriam Koopman. Survival of patients with deficient mismatch repair metastatic colorectal cancer in the pre-immunotherapy era. Br J Cancer. 2020 Oct 13.
  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl
Gerelateerd

Genezing en overleving van colorectale kanker sterk toegenomen 1995 - 2016

Genezing en overleving van colorectale kanker sterk toegenomen 1995 - 2016

Sinds 1995 is het aantal patiënten dat statistisch gezien genezen is van colorectale kanker substantieel toegenomen in Nederland. Ook de conditionele overleving nam toe. Dat blijkt uit een uit een uitgebreide studie van Seyed Qaderi (Radboudumc) en collega’s met data (1995 – 2016) uit de Nederlandse Kankerregistratie. De uitkomsten van dit onderzoek zijn van groot klinisch belang voor patiënten, zorgprofessionals en beleidsmakers voor het vormen van een actueel beeld van de overleving van patiënten met een colorectale tumor.

lees verder

Overleving na dikkedarm- en borstkanker verbeterd tussen ’03-‘12 in Nederland

De overleving van patiënten met dikkedarm- en borstkanker is tussen 2003 en 2012 in Nederland verbeterd, maar er zijn wel opmerkelijke verschillen te zien tussen oudere en jongere patiënten, met name bij borstkankerpatiënten. Dat concluderen Doris van Abbema (Universiteit Maastricht & Amsterdam) en collega’s. Bij oudere vrouwen met borstkanker is een opvallende toename te zien van endocriene therapieën en daling van het aandeel operaties. De onderzoekers vragen zich af of de richtlijnen bij deze groep patiënten consistent worden gevolgd. De gestegen overleving bij ouderen met dikkedarmkanker is vooral toe te schrijven aan ruimere inzet van adjuvante chemotherapie en verbeterde preoperatieve behandeling en chirurgie.

lees verder