Vijf gynaecologisch oncologische richtlijnen in de commentaarfase

Gynaecologische oncologie telt momenteel 15 gynaecologische oncologische richtlijnen, allen eigendom van de NVOG. In 2018 en 2019 heeft de NVOG SKMS-financiering ontvangen om negen gynaecologische oncologische richtlijnen te reviseren. Inmiddels zijn we met vijf richtlijnen zover dat de modules deze maand voor commentaar worden aangeboden aan de betrokken wetenschappelijke verenigingen.

We horen vaak van de expertgroepen dat de methodiek om richtlijnen te reviseren (richtlijnen 2.0) moeilijk te volgen is voor deze richtlijnen. Dit gaan we bespreken met de NVOG, SONCOS en FMS. Daarnaast zal er dit voorjaar een evaluatie gedaan worden mb.t. het proces en structuur van de nieuwe werkwijze; deze evaluatie zal gebruikt worden om het proces aan te scherpen dat eerder beschreven is in het rapport revisie gynaecologische oncologische richtlijnen (download), NVOG, april 2018.

De werkwijze voor dit moment in een notendop

Commissie Richtlijnen Gynaecologische Oncologie (CRGO)

Voorzitter, Cor de Kroon - gynaecoloog-oncoloog LUMC, heeft met alle voorzitters van de (lopende) expertgroepen gesproken over procedure en de tijdslijn. De voorzitter neemt zitting in de commissie kwaliteitsdocumenten van de NVOG.

Voorzitter van CRGO Cor de Kroon

Gynaecologische oncologische centra

Elk centrum heeft een voorzitter/verantwoordelijke aangewezen voor elke richtlijn. De voorzitter stemt met de CRGO de expertgroep af en is verantwoordelijk voor de bijeenkomsten. Elke expertgroep heeft een budget om te besteden aan bijeenkomsten, vacatiegelden etc.

Multidisciplinaire expertgroepen

De gemandateerde leden van de CRGO zijn verantwoordelijk voor het aanleveren van leden voor de expertgroep vanuit hun discipline. Er wordt daarbij gekeken naar regionale spreiding en de verdeling tussen academische en perifere ziekenhuizen. Patiëntenverenigingen (Stichting Olijf, Lichen Sclerose) nemen deel aan expertgroepen en hebben inbreng vanuit patiëntenperspectief. IKNL coördineert en faciliteert de CRGO en de expertgroepen. Daarnaast ondersteunt een adviseur methodologie van IKNL de expertgroepen bij literatuursearch, onderbouwing, GRADE-methodiek en beschrijving van de conclusies en aanbevelingen. IKNL zet de gereviseerde richtlijnen om naar beslisbomen. Deze worden momenteel gebruikt als implementatietool voor de richtlijnen.

Richtlijnen in commentaarfase

De expertgroepen zijn voortvarend te werk gegaan. Drie modules van de richtlijn ovariumcarcinoom zijn reeds geautoriseerd. Verder zijn zesentwintig uitgangsvragen  in maart voor commentaar rond gestuurd: voor de richtlijn Ovarium-, Endometrium-, Vulva-, Cervixcarcinoom en VIN. We zijn ons ervan bewust dat dit veel uitgangsvragen zijn, maar we lagen enorm achter met de revisies. Na verwerking van het commentaar, worden de richtlijnen rondgestuurd voor autorisatie en vervolgens gepubliceerd op Oncoline en de Richtlijnendatabase van FMS.  

De expertgroepen richtlijnen CIN, Erfelijk en familiair ovariumcarcinoom en Fertiliteit zijn momenteel volop aan het werk om de betreffende richtlijnen te reviseren. Streefdatum autorisatie: december 2020.

Afgerond

Op basis van de richtlijn Trofoblastziekten, beschikbaar op Oncoline en de Richtlijnendatabase, is in overleg met de Werkgroep Trofoblast Tumoren (WTT), de beslisboom Trofoblastziekten gemodelleerd. Na goedkeuring door de WTT is deze beslisboom gepubliceerd op Oncoguide. De beslisboom is een vertaling van de richtlijn in algoritmes. In Oncoguide zijn voor gynaecologie eveneens de beslisbomen CIN, AIS en VAIN en cervixcytologie beschikbaar via Oncoguide.nl en de gratis te downloaden Oncoguide-app. Lees hier meer over de beslisboom Trofoblastziekten.

Lees ook eerdere berichten

Meer weten?

Voor meer informatie over richtlijnen: neem contact op met Suzanne Verboort, adviseur.

Gerelateerd

Ruimte voor verbetering adjuvante therapie bij hoog-risico baarmoederkanker

De naleving van richtlijnen voor het geven van adjuvante therapie aan patiënten met baarmoederkanker met een laag tot gemiddeld risico is uitstekend in Nederland. Dat blijkt uit een studie van Florine Eggink (UMC Groningen) en collega’s. Bij patiënten met hoog-risico baarmoederkanker is er echter ruimte voor verbetering. Volgens de onderzoekers is er nader onderzoek nodig om beter inzicht te krijgen in de achterliggende oorzaken van het niet naleven van richtlijnen. Mede vanwege het huidige accent op gedeelde besluitvorming.

lees verder