nieuws


nieuws over onderzoek

  • Bijna alle vrouwen die behandeld zijn voor niet-uitgezaaide borstkanker hebben na de behandeling last van gezondheidsproblemen. Het gaat om een grote variëteit aan klachten, zoals vermoeidheid, tintelende handen en voeten (neuropathie) en problemen met geheugen en concentratie. Voor een deel van deze gezondheidsproblemen werd geen zorg gevraagd. Chemotherapie is de behandeling die tot de meeste klachten leidde. Dat blijkt uit onderzoek van IKNL en onderzoeksinstituut NIVEL. Zij brachten de gezondheidsproblemen bij borstkankerpatiënten tot vijf jaar na diagnose in kaart.

    Lees meer
  • Patiënten die na resectie van alvleesklierkanker (TNM-stadium I-II) behandeld zijn met chemotherapie, kunnen uiteenlopende kenmerken hebben die onafhankelijk van elkaar samenhangen met hun overleving. Dat blijkt uit een grote Europese population-based studie, waaraan ook de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) en IKNL-onderzoekers hebben bijgedragen. De onderzoekers ontwikkelden een gevalideerd nomogram voor het schatten van de gepersonaliseerde overleving van deze patiënten. Een model dat kan bijdragen aan gezamenlijke, klinische besluitvorming tussen patiënten en artsen.
    Lees meer
  • Het aandeel patiënten gediagnosticeerd met stadium IV melanomen van onbekende primaire cellen (MUP) is tussen 2003 en 2016 gestegen tot meer dan de helft van de totale MUP-incidentie. De algehele overleving van deze patiënten lijkt echter significant te zijn verbeterd (van vier naar elf maanden) sinds de introductie van nieuwe therapiemogelijkheden, zo blijkt uit onderzoek van Daniëlle Verver (Erasmus MC) en collega’s. Deze bevindingen zijn zeer relevant voor de klinische praktijk. De verwachting is dat de algehele overleving van patiënten met deze ziekte verder zal aanhouden, zelfs bij patiënten met traditioneel slechtere behandeluitkomsten.
    Lees meer
  • Bijna 5% van alle vrouwen met borstkanker in Nederland worden na diagnose overgedragen aan een ander ziekenhuis voor primaire chirurgie. Bij neoadjuvante chemotherapie ligt dit aandeel op 25%. Onderzoek van Erik Heeg en collega’s met data uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) toont aan dat deze overdrachten leiden tot vertraging. De grootste vertragingen (gemiddeld negen dagen) komen voor na overdrachten voor een borstamputatie met directe borstreconstructie. Hoewel er nog geen sluitend bewijs is gevonden, vermoeden de onderzoekers dat het ontbreken van deskundigheid en integratie van plastisch chirurgen in mammateams de meest waarschijnlijke verklaring is voor deze vertraging.
    Lees meer
  • Het bepalen van het aantal potentieel verloren levensjaren ten gevolge van een ziekte (years of life lost; YLL) is een nieuwe methode om de prognose van patiënten te schatten en biedt aanknopingspunten voor gedeelde besluitvorming tussen arts en patiënt. Een patiënt van 80 jaar en ouder met dikkedarmkanker sterft bijvoorbeeld gemiddeld 2,2 jaar eerder in vergelijking tot leeftijdsgenoten uit de algemene bevolking. Voordat met dit model betrouwbare, individuele prognoses aan patiënten gegeven kunnen worden, is aanvullend onderzoek nodig. Met name naar de impact van comorbiditeiten en kwetsbaarheid (frailty), concludeert een internationale groep onderzoekers in de World Journal of Surgery.
    Lees meer
  • Het INFLUENCE-nomogram, een Nederlands instrument dat wordt gebruikt om het risico op locoregionale recidieven van borstkanker in te schatten, is ook bruikbaar bij patiënten in Duitsland. Dat blijkt uit een validatiestudie uitgevoerd door onderzoekers in Nederland en Duitsland. Hoewel de toewijzing van therapieën tot op zekere hoogte verschillen, worden in Duitsland dezelfde chirurgische technieken, geneesmiddelen voor hormonale en chemotherapie en radiotherapieschema’s gebruikt. Met dit model kunnen artsen bepalen welke patiënten een hoger risico lopen op het ontwikkelen van recidieven en een intensieve follow-up nodig hebben.
    Lees meer
nieuwsbrieven
U kunt zich abonneren op de nieuwsbrieven van IKNL via onderstaande knop.

volg ons: