Informatiestandaard borstkanker levert bijdrage aan innovatief MDO

Om het proces rondom het multidisciplinair overleg (MDO) verder te optimaliseren, is een MDO-borstkankerformulier ontwikkeld op basis van de informatiestandaard borstkanker. Dit formulier structureert de voorbereiding, bespreking en verslaglegging. Uit een pilot van het Amphia Ziekenhuis in Breda blijkt dat na invoering het MDO beter was voorbereid en dat het verslag vollediger was. Het ziekenhuis houdt daarom vast aan de nieuwe werkwijze. Binnenkort zal ook het Jeroen Bosch Ziekenhuis het MDO-borstkankerformulier in gebruik nemen. 

Elke patiënt met kanker wordt voorafgaand aan een behandeling in een MDO besproken om de diagnose en het behandelbeleid te bepalen. In dit overleg is de expertise van verschillende medische disciplines nodig voor het beste behandeladvies. De afgevaardigden van de betrokken disciplines, onder wie chirurgen, radiologen, oncologen, pathologen en klinisch genetici, overleggen met elkaar wat de best mogelijke behandeling is voor elke patiënt. De nieuwe werkwijze rondom het MDO wordt vanwege de positieve resultaten gecontinueerd in het Amphia Ziekenhuis en krijgt navolging in andere centra. In het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch worden patiënten met borstkanker voortaan ook multidisciplinair besproken aan de hand van dit nieuwe MDO-borstkankerformulier. 

MDO-formulier

Voorafgaand aan de bespreking in het MDO worden relevante gegevens van de patiënt verzameld, waaronder de voorgeschiedenis en uitslagen van diagnostisch onderzoek. Al deze gegevens worden geregistreerd in het MDO-formulier. Doordat gegevens voorheen vaak nog in ‘vrije tekst’ werden vastgelegd, waren deze niet snel en soepel te hergebruiken verderop in het zorgproces. 

Om tot een eenduidig en overzichtelijk (synoptisch) MDO-formulier te komen, is de landelijke richtlijn Borstkanker als uitgangspunt genomen. Op basis van de landelijke richtlijn is een informatiestandaard Borstkanker opgesteld door IKNL en NABON (Nationaal Borstkanker Overleg Nederland). In deze informatiestandaard staan de klinische gegevens die volgens de landelijke richtlijn nodig zijn in de verschillende onderdelen van het zorgproces. Vervolgens is deze aangevuld met aanvullende klinische gegevens die nodig zijn voor het MDO. Dit resulteerde in het vernieuwde MDO-borstkankerformulier welke de arts en/of verpleegkundig specialist gebruikt bij de voorbereiding en tijdens de MDO-bespreking. 

MDO beter voorbereid

Het MDO-borstkankerformulier is zo ingericht dat een deel van de gegevens die elders in het EPD al zijn vastgelegd automatisch worden ingeladen. Denk bijvoorbeeld aan de uitkomsten van het radiologieverslag, lichamelijk onderzoek en anamnese. Dit levert een efficiëntieslag op voor het secretariaat doordat er minder tijd wordt besteed aan het overtypen van informatie, de aanmeldprocedure beter gestroomlijnd is en door het geautomatiseerd genereren van een huisartsenbrief. Uit de klinische evaluatie van de pilot in het Amphia Ziekenhuis blijkt verder dat de MDO’s beter worden voorbereid, dat er meer tijd is voor discussie per patiënt en dat het verslag na afloop vollediger is.

‘Goede basisinformatie is cruciaal voor het opstellen van een behandelplan. Tijdens het MDO is er geen tijd om al die basisinformatie bij elkaar te zoeken, dus een goede voorbereiding is noodzakelijk. Op dit moment moet die informatie geknipt en plakt worden, of het moet meerdere malen opnieuw worden ingevuld. Door middel van een project zoals OncolinQ en door het opnieuw ontwikkelen van de MDO-formulieren, kunnen we gestructureerd en veilig werken. Dit kost de medisch specialist significant minder tijd. En voor de patiënten betekent het maximale zorgvuldigheid.’ 
Dr. M. Bessems, chirurg-oncoloog Jeroen Bosch Ziekenhuis  

Potentie voor vermindering registratielast

Dankzij de verbeterde vastlegging kan informatie eenvoudiger worden hergebruikt verderop in het zorgproces. Bijvoorbeeld voor uitwisseling tussen zorgverleners in andere instellingen, voor automatische aanlevering aan (kwaliteits)registraties en voor voortdurende verbetering van medische richtlijnen. De gegevens van het MDO-borstkankerformulier kunnen bijvoorbeeld ook gebruikt worden voor de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) en voor de kwaliteitsaudits van DICA. Dat heeft veel potentie voor vermindering van de registratielast voor zorgverleners, omdat zij op dit moment nog tijd kwijt zijn aan de registratie voor kwaliteitsaudits.

Integratie in EPD’s van Epic en Chipsoft

In het Amphia Ziekenhuis worden alle borstkankerpatiënten nu volgens de nieuwe werkwijze besproken. Het MDO-borstkankerformulier is hiervoor geïntegreerd in het EPD van Epic. De eenduidige verslaglegging met het MDO-formulier zorgt ervoor dat de multidisciplinaire interpretatie van de gegevens en het behandeladvies gemakkelijk zijn terug te vinden in het EPD. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis neemt binnenkort het nieuwe MDO-borstkankerformulier in gebruik binnen het EPD van Chipsoft. Het formulier wordt samen met de gebruikersgroep van Chipsoft ontwikkeld en is straks ook beschikbaar voor overige ziekenhuizen die de standaard content van het EPD van Chipsoft gebruiken. Daarmee is het MDO-borstkankerformulier beschikbaar in de twee meest gebruikte EPD-systemen in Nederland. 

Vervolg en meer informatie 

Ook voor andere oncologische ziektebeelden wordt het MDO-formulier verbeterd met een tumorspecifieke informatiestandaard op basis van de landelijke richtlijn. Zoals voor dikkedarmkanker in het Radboudumc en het Jeroen Bosch Ziekenhuis en voor slokdarm- en maagkanker door het Amsterdam UMC. In 2019 komt een implementatiehandleiding voor het MDO-formulier ter beschikking. Hiermee kunnen ziekenhuizen dit MDO-formulier zelf invoeren. 

De ontwikkeling en implementatie van het MDO-formulier maakt onderdeel uit van het project OncolinQ van IKNL. Voor vragen kunt u contact opnemen met Patrick Lubbers, klinisch informaticus IKNL.

Gerelateerd

Niet-chirurgische therapieën reduceren risico op regionaal recidief borstkanker

Niet-chirurgische therapieën reduceren risico op regionaal recidief borstkanker

Radiotherapie als onderdeel van een borstsparende behandeling, chemotherapie en hormonale therapie reduceren elk het risico op een regionaal recidief met minstens de helft bij vrouwen met primaire borstkanker en een negatieve uitslag van de schildwachtklierprocedure. Dat blijkt uit onderzoek van Julia van Steenhoven (Diakonessenhuis Utrecht) en collega’s. Deze bevindingen bieden een verklaring voor de discrepantie tussen het aandeel vals-negatieve biopsieën en kans op een regionaal recidief bij deze groep patiënten.

lees verder

Huidige leeftijdsindeling voor follow-up van borstkanker is suboptimaal

Huidige leeftijdsindeling voor follow-up van borstkanker is suboptimaal

De huidige, op leeftijdsgroepen gebaseerde, aanbevelingen voor de follow-up volgend op de eerste vijf jaar follow-up van borstkanker zijn suboptimaal. Dat concluderen Annemieke Witteveen (Universiteit Twente) en collega’s aan de hand van een studie met gegevens van ruim 18.500 patiënten uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Om tot een echt gepersonaliseerde follow-up te komen, die het feitelijke risico op terugkeer van de ziekte beter reflecteert, dient met meer factoren rekening gehouden te worden.

lees verder