Europese vergelijking: vaker kanker in Nederland

Kanker komt in Nederland vaker voor dan in de meeste andere landen van de Europese Unie (EU). In de EU staat Nederland op de derde plaats, alleen in Ierland en Denemarken komt kanker vaker voor. Deze hoge positie wordt vooral veroorzaakt doordat in Nederland veel darmkanker, melanoom en borstkanker voorkomen. Ook kankersoorten waarvoor roken een belangrijke risicofactor is zoals slokdarmkanker, blaaskanker en longkanker komen in Nederland vaker voor dan in veel andere landen.

Dat blijkt uit het European Cancer Information System van de Europese Commissie. De cijfers zijn een voorspelling voor 2020 op basis van de aantallen diagnoses in de kankerregistraties van alle EU-landen. De Nederlandse cijfers zijn gebaseerd op de Nederlandse Kankerregistratie en de doodsoorzakenstatistiek van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De cijfers van de Europese kankerregistraties zijn samengebracht door het Europese netwerk van kankerregistraties (ENCR) en het International Agency for Research on Cancer (IARC).

Vrouwen

Vergeleken met andere Europese landen krijgen vrouwen in Nederland vaker kanker, vooral borstkanker en longkanker. Melanoom en darmkanker komen zowel bij mannen als vrouwen in Nederland vaker voor. Ook prostaatkanker bij mannen komt in Nederland vaker voor dan in de andere landen.

Oorzaken

De verschillen in kankerincidentie worden waarschijnlijk veroorzaakt door verschillen in leefgewoonten en genetische kenmerken. Mensen met een lichte huid, die snel verbrandt bij blootstelling aan uv-licht van zon of zonnebank, hebben een hogere kans op het krijgen van een melanoom. Een lichte huid is in Nederland het meest voorkomende huidtype, dat verklaart in combinatie met het zongedrag dat melanomen vaak voorkomen in Nederland.  

Een hoog percentage rokers onder vrouwen enkele decennia geleden verklaart dat longkanker onder vrouwen vaak voorkomt in Nederland. De relatief vroege emancipatiegolf in ons land in de jaren ’70, toen roken nog heel normaal was, leidde er toe dat ook vrouwen gingen roken.

Bij darmkanker worden veel diagnoses vroeg gesteld in het bevolkingsonderzoek. Mogelijk verklaart dit deels de hogere incidentie in vergelijking met andere landen, omdat Nederland een van de weinige Europese landen is met een bevolkingsonderzoek darmkanker. Risicofactoren zijn onder andere het eten van rood vlees (rundvlees en varkensvlees) en bewerkt vlees (zoals worst), maar hierin lijkt Nederland niet af te wijken van andere landen.

Ook van borstkanker is niet duidelijk waarom het in Nederland vaker voorkomt dan elders. Het bevolkingsonderzoek borstkanker lijkt hier geen duidelijke verklaring, aangezien op drie na alle EU-landen een bevolkingsonderzoek borstkanker hebben. Ook voor wat betreft de risicofactoren voor borstkanker, zoals erfelijke aanleg, leeftijd waarop een vrouw het eerste kind krijgt, het geven van borstvoeding en het drinken van alcohol, lijkt Nederland niet duidelijk af te wijken van andere West-Europese landen. 

In de analyses is gecorrigeerd voor verschillen in leeftijdsopbouw in de bevolking van Europese landen. De hogere sterfte aan hart- en vaatziekten in Oost-Europese landen verklaart deels waarom zij een lagere kankerincidentie hebben.

Hoge kwaliteit van zorg

Doordat kanker in Nederland vaker voorkomt dan elders is het niet verbazingwekkend dat ook de sterfte aan kanker hoger is dan gemiddeld. Het is echter opvallend, dat bij alle kankersoorten die in Nederland vaker voorkomen dan gemiddeld de sterfte minder van het Europese gemiddelde afwijkt. Dat is een aanwijzing voor de hoge kwaliteit van zorg, waardoor de diagnose vroeger wordt gesteld en/of de behandeling effectiever is. 

Bij zaadbalkanker en peniskanker is de sterfte zelfs lager dan gemiddeld, terwijl in Nederland meer mannen te maken krijgen met deze kankersoorten dan elders. Voor eierstokkanker is de sterfte in Nederland hoger dan gemiddeld in de EU. Dat is opvallend omdat deze kankersoort hier minder vaak voorkomt dan in de meeste andere landen. Het is niet duidelijk waardoor dit veroorzaakt wordt.

ECIS

De cijfers van de vergelijking van EU-landen zijn te bekijken op het European Cancer Information System (ECIS). ECIS brengt de European Network of Cancer Registries (ENCR) in opdracht van de Europese Commissie de cijfers over het voorkomen van kanker in de Europese landen samen. Dat doen zij samen met de International Agency for Research on Cancer (IARC). IKNL is met de Nederlandse Kankerregistratie een van de deelnemers van de ENCR. De cijfers zijn gecorrigeerd voor de leeftijdsopbouw in de bevolking. 

De cijfers zijn een voorspelling voor 2020 op basis van de aantallen diagnoses in de kankerregistraties van alle EU-landen tot ongeveer 2014. Voor de Nederlandse Kankerregistratie zijn meer recente gegevens beschikbaar, tot en met 2019, via NKR cijfers op deze website

Meer informatie

categorie: Incidentie Sterfte
Gerelateerd

Stijgende incidentie plaveiselcelcarcinoom vraagt om herziening zorgbeleid rond huidkanker

cutaan plaveiselcarcinoom

De incidentie cutaan plaveiselcelcarcinoom blijft stijgen, vooral onder vrouwelijke patiĆ«nten. Ook hebben patiĆ«nten in toenemende mate te maken met opeenvolgende diagnosen van plaveiselcelcarcinoom. Dit duidt volgens Selin Tokez (Erasmus MC) en collega’s op een significante belasting van zowel de huidige als toekomstige dermatologische zorg in Nederland. Herziening van het beleid is nodig om deze stijgingen een halt toe te roepen.

lees verder

NKR monitort impact COVID-19-pandemie op uro-oncologische zorg

jonge man aan beeldscherm

Op dit moment wordt de reguliere zorg weer afgeschaald vanwege de tweede COVID-19-golf. Naast afname en uitstel van het aantal kankerdiagnoses zijn andere effecten op de oncologische zorg nog grotendeels onbekend. Welk effect heeft uitstel of aanpassing van de zorg op de uitkomsten van behandeling? Deze en andere vragen kunnen in de toekomst worden beantwoord op basis van data uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR).

lees verder