Vereiste gegevens voor klinische beslisbomen maar beperkt beschikbaar

Vereiste gegevens voor klinische beslisbomen maar beperkt beschikbaar

Patiëntengegevens die nodig zijn om richtlijngebaseerde aanbevelingen te genereren via klinische beslisbomen blijken maar zeer beperkt beschikbaar in elektronische patiëntendossiers. Ook de verslaggeving van alternatieve behandelopties door MDO’s is laag. Dat concluderen Mathijs Hendriks (Noordwest Ziekenhuisgroep, Alkmaar) en collega’s. Informatie die impliciet bekend moet zijn, dient duidelijker door MDO’s toegelicht te worden. Ook zouden MDO’s zich strikter moeten houden aan gestandaardiseerde definities voor data-items.

De aanbeveling van de European Society of Breast Cancer Specialists (EUSOMA) dat ‘elke patiënt volledig geïnformeerd dient te zijn over elke stap in het diagnostisch en behandeltraject’ kan ondersteund worden met op richtlijnen gebaseerde klinische beslisbomen. De Nederlandse richtlijn voor borstkanker is inmiddels omgezet naar een online beslisboom (www.oncoguide.nl). Voorwaarden voor adequaat gebruik van deze beslisboom is de beschikbaarheid van noodzakelijke patiëntgegevens op het moment van besluitvorming en het overwegen van alle mogelijke behandelalternatieven die via klinische beslisbomen worden aangeboden.

Studieopzet

In deze retrospectieve studie (uitgevoerd in één ziekenhuis) werden 394 willekeurig geselecteerde patiënten geïncludeerd met niet-uitgezaaide borstkanker gediagnosticeerd tussen 2012 en 2015. Vier cruciale beslisbomen werden geselecteerd. Twee onderzoekers analyseerden de patiëntendossiers om te bepalen tot op welk niveau de benodigde patiëntengegevens beschikbaar waren per beslisboom op het moment dat het multidisciplinair team bijeen kwam voor overleg en hoe vaak diverse alternatieven daadwerkelijk werden gerapporteerd.

Resultaten

De vier geselecteerde klinische beslisbomen gingen over een indicatie voor het maken van een MRI-scan, het geven van preoperatieve en adjuvante systemische behandeling en een directe borstreconstructie. De noodzakelijke data waren respectievelijk in 70%, 13%, 97% en 13% van de casussen beschikbaar. De twee vaakst ontbrekende gegevens waren het klinisch M-stadium (87%) en het oordeel of de mammografie wel of niet goed te beoordelen was (28%).

Alternatieve behandelopties werden door de beslisbomen bij 32% van de patiënten aangegeven voor de primaire behandeling en bij 28% van de patiënten voor een directe borstreconstructie. In gevallen waarin de beslisbomen meerdere alternatieven aangaven op basis van richtlijnaanbevelingen, werden deze alternatieve behandelopties slechts bij een minderheid van de patiënten gerapporteerd door het MDO.

Conclusie en aanbevelingen

Mathijs Hendriks en collega’s concluderen dat de beschikbaarheid van noodzakelijke gegevens in de elektronische patiëntendossiers erg laag was voor het geven van richtlijngebaseerde aanbevelingen via de onderzochte, klinische beslisbomen. Dat gold eveneens voor de verslaggeving van mogelijke, alternatieve behandelopties. Om aan de eisen van de European Society of Breast Cancer Specialists te voldoen, moet informatie die impliciet bekend moet zijn door het MDO expliciet worden gerapporteerd. Ook zouden MDO’s zich in hun rapportage moeten houden aan gestandaardiseerde definities voor data-items in plaats vrije verslaggeving.

Volledige beschikbaarheid en rapportage van gegevens is belangrijk om controleerbare, richtlijngebaseerde aanbevelingen te genereren omdat richtlijnen steeds complexer worden. Maar ook omdat patiënten steeds vaker en intensiever betrokken zijn bij besluitvormingsprocessen. Het handmatig invoeren van data in klinische beslisbomen is geen optie, omdat het tijdrovend is en ondersteuning vereist van een verpleegkundige of datamanager. Om beslisbomen te kunnen gebruiken in de klinische praktijk, is het daarom essentieel dat gegevens op gestandaardiseerde wijze worden geregistreerd, uitwisselbaar en herbruikbaar zijn in MDO-formulieren en voor klinische beslisbomen.

De onderzoekers stellen voor een prospectief haalbaarheidsonderzoek uit te voeren in meerdere centra om na te gaan of de data die nodig zijn voor klinische beslisbomen verbaal of digitaal beschikbaar zijn tijdens MDO’s. Op die manier kan onderscheid worden gemaakt tussen niet-beschikbare data doordat deze niet zijn besproken in het MDO of niet zijn geregistreerd.

Gerelateerd

Waarde van fotobespreking voor detecteren additionele borstkanker beperkt

Waarde van fotobespreking voor detecteren additionele borstkanker beperkt

De waarde van fotobesprekingen bij het detecteren van additionele borsttumoren in het bevolkingsonderzoek naar borstkanker is beperkt. Dat concluderen Angela Coolen (Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis) en collega’s. De karakteristieken van deze tumoren blijken niet significant te verschillen van tumoren gedetecteerd tijdens de standaard dubbele beoordeling door twee radiologen.

lees verder

Bevolkingsonderzoeken: hoge deelnametrouw en vroege opsporing

Bevolkingsonderzoeken: hoge deelnametrouw en vroege opsporing

IKNL verzorgt in opdracht van het RIVM de monitoring van de bevolkingsonderzoeken naar darm-, borst- en baarmoederhalskanker met als doel de kwaliteit van deze screenings te bewaken en waar nodig te verbeteren. Uit deze monitoring blijkt onder andere dat deze bijdragen aan vroege opsporing van kanker en dat de deelnamegraad hoog is. Dit duidt op een hoog vertrouwen in deze bevolkingsonderzoeken.

lees verder