Start revisie richtlijn Maagcarcinoom

De revisie van de richtlijn Maagcarcinoom is gestart. Zes uitgangsvragen worden evidence based uitgewerkt. Deze uitgangsvragen zijn bepaald op basis van een knelpunteninventarisatie onder professionals en patiënten. Naar verwachting is de volledige revisie van de richtlijn Maagcarcinoom in mei 2016 afgerond.

Achtergrond
De huidige multidisciplinaire richtlijn Maagcarcinoom (versie 1.0) stamt uit 2009 en is door diverse ontwikkelingen sindsdien aan revisie toe. Een eerste voorlopige inventarisatie door de Landelijke Werkgroep Gastro-Intestinale Tumoren (LWGIT) leverde een reeks van vragen op, breed verspreid over de verschillende betrokken disciplines, waarop de gereviseerde richtlijn antwoord moet geven. Het project richt zich primair op deze inhoudelijke revisie en voeren we uit conform de kwaliteitseisen zoals geformuleerd in Richtlijn voor richtlijnen en Medisch-specialistische richtlijnen 2.0.

Uitgangsvragen 
Om aan te kunnen sluiten bij de belangrijkste knelpunten uit de praktijk is in november 2014 een knelpunteninventarisatie uitgevoerd onder betrokken professionals en patiënten. Op basis van deze knelpunteninventarisatie is besloten de volgende zes uitgangsvragen evidence based te reviseren.

  1. Wat is de diagnostische accuratesse van FDG-PET(/CT) vergeleken met (CE)CT voor de detectie van metastasen bij patiënten met maagcarcinoom?

  2. Wat voegt adjuvante chemoradiotherapie toe aan de algehele overleving en lokale controle bij patiënten met maagresectie?

  3. Wat is de waarde van hyperthermic intraperitoneal chemotherapy (HIPEC) bij patiënten met een peritoneaal gemetastaseerd maagcarcinoom?

  4. Welke behandeling: systeem therapie of standard best supportive care zorgt voor de beste uitkomst bij patiënten met een gemetastaseerd of niet resectabel maagcarcinoom in termen van kwaliteit van leven en (progressie-vrije) overleving?

  5. Wat is de waarde van diagnostische laparoscopie bij op basis van imaging in opzet curatief te behandelen patiënten met een resectabel maagcarcinoom?

  6. Is er - bij patiënten met een partiële of totale maagresectie -  een verschil in mate van vitamine B12 deficiëntie (na 1 jaar) bij oraal/nasaal toediening vergeleken met intramusculaire toediening?

Richtlijnwerkgroep
Aan elke uitgangsvraag zijn professionals gekoppeld op basis van hun expertise, waarbij zoveel mogelijk rekening gehouden is met landelijke spreiding en mandatering vanuit diverse wetenschappelijke- en beroepsverenigingen. Samen vormen zij de multidisciplinaire richtlijnwerkgroep onder voorzitterschap van dhr. prof. dr. P.D. Siersema (MDL arts, UMC Utrecht) en mevr. dr. A. Cats (MDL arts, Antoni van Leeuwenhoek).

Tijdspad
Het streven is de gereviseerde richtlijn in september 2015 aan te bieden aan de betrokken verenigingen  voor commentaar. Na autorisatie (naar verwachting in mei 2016) zal de gereviseerde richtlijn Maagcarcinoom gepubliceerd worden op Oncoline en de Richtlijnendatabase.
 
Financiering
Deze revisie wordt gefinancierd door middel van SKMS project nummer 33548881 en een financiële bijdrage van IKNL. De SKMS bijdrage is gebaseerd op een gezamenlijke projectaanvraag van zes betrokken verenigingen (NVMDL als hoofdaanvrager, NIV, NVNG, NVRO, NVvH, NVVP) en IKNL.

Meer informatie  
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jos de Groot, senior adviseur (j.degroot@iknl.nl).

categorie: Maagkanker
Gerelateerd

Zorgpaden dragen bij aan betere naleving richtlijnen en afname klinische variatie

arts tijdens mdo

Patiënten met maag- of slokdarmkanker krijgen na implementatie van een regionaal zorgpad significant vaker een PET- of PET/CT-scan. Dat blijkt uit onderzoek van Jolanda van Hoeve (IKNL) in Zuidwest-Nederland. In een andere studie in Noordoost-Nederland toont zij aan dat ongewenste klinische variatie verminderd na standaardisatie van het zorgpad slokdarmkanker, uitgezonderd patiënten die geen behandeling ontvingen. Beide studies zijn opgenomen in het proefschrift waarop Jolanda van Hoeve 29 oktober 2020 promoveerde aan de Universiteit Twente.

lees verder

Vaker tweedelijnstherapie bij slokdarm- of maagkanker in hoogvolumecentra

handen prepareren infuuszak

Patiënten met uitgezaaid adenocarcinoom van slokdarm of maag die behandeld zijn met palliatieve eerstelijns systemsche therapie in ziekenhuizen met een hoog behandelvolume, krijgen vaker tweedelijnstherapie. Dat blijkt uit onderzoek van Willemieke Dijksterhuis (Amsterdam UMC en IKNL) en collega’s. Deze studie toont verder aan dat patiënten na tweedelijnsbehandeling met paclitaxel/ramucirumab een langere overleving hebben vergeleken met patiënten die monotherapie met taxanen ontvingen.

lees verder