QLQ-C30-samenvattingsscore heeft sterkere prognostische waarde dan andere subschalen

QLQ-C30-samenvattingsscore heeft sterkere prognostische waarde overleving

De QLQ-C30-samenvattingsscore (waarin alle symptomen en functioneringsschalen zijn opgenomen) heeft een aanzienlijk sterkere prognostische waarde voor het bepalen van de algehele overleving van patiënten met kanker dan de veelgebruikte schalen voor fysiek functioneren en algemene kwaliteit van leven. Tot die conclusie komen Olga Husson (NKI, Royal Marsden NHS Foundation Trust, Londen) en collega’s. Deze bevinding heeft belangrijke implicaties voor de klinische praktijk, niet alleen bij diagnose maar ook tijdens de follow-up. De onderzoekers adviseren daarom monitoringssystemen te implementeren om overlevenden van kanker langer te volgen.

In gerandomiseerde klinische trials en in observationele cohortstudies (met gegevens uit de praktijk) is aangetoond dat de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven (HRQoL) een prognostische factor is voor de overleving van patiënten met kanker. Het was echter tot dusver onduidelijk welke gezondheidsgerelateerde domeinen de beste voorspellers zijn voor de overleving van patiënten met kanker.

Doel

Het primaire doel van deze observationele, population-based studie was tweeledig. Het eerste doel was onderzoek te doen naar de samenhang tussen de nieuwe QLQ-C30-samenvattingsscore (European Organisation for Research and Treatment of Cancer Quality of Life Questionnaire-Core30) en de mortaliteit door alle oorzaken gecorrigeerd voor traditionele sociodemografische en klinische prognostische factoren. Het tweede doel was het maken van een vergelijking tussen enerzijds de prognostische waarde van de QLQ-C30-samenvattingsscore met veelgebruikte algehele scores voor kwaliteit van leven (QoL) en anderzijds het fysiek functioneren op basis van de QLQ-C30-schalen.

Achtergrond

In de literatuur worden diverse verklaringen genoemd voor de relatie tussen de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven en overleving van patiënten met kanker. Een daarvan is dat de zelfgerapporteerde gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven het dagelijks functioneren en welbevinden mogelijk beter reflecteert dan traditionele, prognostische indicatoren die in de klinische praktijk worden gebruikt. Recente studies hebben aangetoond dat artsen tot de helft van alle zelfgerapporteerde (subjectieve) toxiciteiten missen bij patiënten met kanker.

Een andere verklaring is dat HRQoL-metingen waarschijnlijk sensitiever zijn in het opsporen van prognostisch relevant welbevinden van patiënten dan andere metingen, zoals de performance status. Ook reflecteren patiëntgerapporteerde uitkomsten beter de individuele kenmerken van patiënten (bijvoorbeeld omgaan met stress) die van invloed kunnen zijn op het ziekteproces. Een hoge HRQoL-score wordt geassocieerd met positiever gedrag, zoals betere naleving van een gezonde leefstijl, en heeft dus mogelijk invloed op de overleving.

Opzet

Patiënten met kanker (in totaal twaalf tumorsoorten) kregen tussen 2008 en 2015 een uitnodiging om deel te nemen aan een ziektespecifieke studie via het patiëntenvolgsysteem PROFILES dat IKNL in samenwerking met Tilburg University heeft ontwikkeld. De respons was 69%. De onderzoekers voerden  secundaire analyses uit met proportionele Cox-regressiemodellen op basis van gegevens van 6.895 patiënten om de samenhang te onderzoeken tussen de QLQ-C30-scores voor fysiek functioneren en algemene kwaliteit van leven en de mortaliteit ten gevolge van alle oorzaken.

Resultaten

De uitkomst van de Cox-regressiemodellen, waarbij rekening is gehouden met sociodemografische en klinische variabelen, toonde een significante samenhang aan tussen de QLQ-C30-samenvattingsscore en de mortaliteit door alle oorzaken (hazard ratio 0,77). Gestratificeerde analyses lieten een significant verband zien tussen de QLQ-C30-samenvattingsscore en mortaliteit door alle oorzaken voor darm-, rectum- en prostaatkanker, non-hodgkinlymfoom, chronisch lymfatische leukemie en multipel myeloom. De QLQ-C30-samenvattingsscore vertoonde ook een sterkere samenhang met mortaliteit door alle oorzaken dan de QoL-schaal voor algehele kwaliteit van leven (hazard ratio 0,82) en de QLQ-C30-schaal voor fysiek functioneren (hazard ratio 0,81).

Conclusie en aanbevelingen

Olga Husson en collega’s concluderen dat de QLQ-C30-samenvattingsscore in de dagelijkse, klinische praktijk een prognostische waarde heeft voor het bepalen van de algehele overleving van patiënten met kanker die ver uitsteekt boven de betekenis van klinische en sociodemografische variabelen. Verder stellen de onderzoekers vast dat de QLQ-C30-samenvattingsscore een betere prognostische waarde heeft dan beoordelingsschalen voor algehele kwaliteit van leven, fysiek functioneren of elke andere schaal binnen de QLQ-C30.  

De bevinding dat de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven van patiënten een belangrijke prognostische waarde vertegenwoordigt naast sociodemografische en klinische maten, niet alleen ten tijde van de diagnose maar ook tijdens de follow-up, heeft belangrijke implicaties voor de klinische praktijk. Implementatie van monitoringssystemen om overlevenden van kanker langduriger te volgen, kunnen mogelijk bijdragen aan herstel na de behandeling en uiteindelijk leiden tot betere algehele uitkomsten van behandelingen. Wanneer in de toekomst een cut-off-score voor de QLQ-C30-samenvattingsscore beschikbaar komt, is het misschien zelfs mogelijk om de uitslag hiervan te gebruiken voor screeningsdoeleinden.

Gerelateerd

Kansen op overleving kanker afgelopen 50 jaar fors toegenomen

De kansen op overleving van kanker zijn de afgelopen 50 jaar fors toegenomen. Dat blijkt uit nieuwe overlevingscijfers die Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL), publiceerde over de periode 1961-2015, op basis van data uit de Nederlandse Kankerregistratie. Naast verschillen tussen allerlei kankersoorten tonen de historische overlevingstrends ook de invloed van diverse stadia van kanker, leeftijdsgroepen en het geslacht van patiënten. Hoewel de overleving van kanker in de tijd sterk is verbeterd, geldt dit helaas nog niet voor alle vormen van kanker. IKNL zet zich daarom in samenwerking met zorgverleners in om het perspectief van patiënten met kanker te verbeteren. 

lees verder

Meer onderzoek nodig naar impact kanker én diabetes

Er is meer onderzoek nodig naar patiëntgerapporteerde uitkomsten bij mensen met kanker én diabetes. Die aanbeveling doen Pauline Vissers (IKNL) en collega’s naar aanleiding van een literatuurstudie. Uit het geringe aantal beschikbare studies blijkt dat patiënten met kanker én diabetes vaker klachten rapporteren, met name met betrekking tot kwaliteit van leven, vergeleken met patiënten met één van beide ziekten. Vanwege het beperkt aantal studies kunnen hieraan nog geen sterke conclusies worden verbonden. In toekomstige studies is daarom meer aandacht nodig voor patiëntgerapporteerde uitkomsten, zoals depressie, zelfzorg en zelfmanagement. 

lees verder