Professor dokter Ruud Bekkers

Ruud Bekkers: 'Gynaecologische kankers voorkomen & de gevolgen verminderen'

We moeten meer doen om gynaecologische kanker en de gevolgen ervan te voorkomen. Dat zegt prof. dr. Ruud Bekkers, gynaecoloog bij Catharina Ziekenhuis Eindhoven en sinds een half jaar hoogleraar aan de Universiteit Maastricht. ‘Preventie betekent het aantal kankerpatiënten verminderen. Voor het voorkomen van baarmoederhalskanker werkt de HPV-vaccinatie heel goed. Ook bij eierstokkanker lijkt er een kans te zijn door opportunistisch verwijderen van eileiders bij vrouwen met een voltooide kinderwens. Preventie gaat ook over de gevolgen van de kanker zo beperkt mogelijk houden. We moeten blijven zoeken naar minder belastende behandeling met minder late gevolgen.

Bekkers bekleedt sinds juli 2019 de leerstoel ‘preventie gynaecologische kanker, in het bijzonder (pre) maligne cervixpathologie’ aan de Universiteit Maastricht. Hij vertelt over de kansen die er liggen om gynaecologische kanker te voorkomen en de gevolgen te verminderen.

HPV veroorzaakt 2,5% van alle kanker

‘Als we de vaccinatie goed voor elkaar krijgen voor jongens en meisjes vanaf 9 jaar, dan kan dat ervoor zorgen dat de volgende generatie vrijwel geen baarmoederhalskanker meer heeft. Het wordt een zeldzame ziekte. De vaccinatie beschermt ook nog tegen vulva-, vagina-, anus- en keelkanker, samen met baarmoederhalskanker is dat 2,5% van alle kankers, zo blijkt uit de Nederlandse Kankerregistratie. Met vaccinatie kun je deze gevallen van kanker voorkomen.’

‘Baarmoederhalskanker is een ziekte die relatief vaak bij dertigers voorkomt en dus met een grote impact. Met de vaccinatie hebben we daar een heel goed preventief middel in handen. We hebben een aanloop nodig gehad om een redelijke vaccinatiegraad te bereiken. En ook afgelopen jaar was de vaccinatiegraad nog niet optimaal. Dertig procent van de jonge meiden liet zich in overleg met hun ouders niet inenten, maar de vaccinatiegraad is toch al een stuk hoger dan de eerste jaren. De eerste vrouwen die gevaccineerd zijn, worden in 2023 al 30. Dus vanaf dat jaar verwachten we dat de incidentie in de jongste leeftijdsgroep zal dalen. In eerste instantie zullen we zien dat vrouwen minder vaak een voorstadium hebben. En die voorstadia zijn weliswaar goed te behandelen, maar zijn gedurende een korte periode toch een belasting en verhogen bovendien de kans op vroeggeboorte. Elke ingreep aan de baarmoederhals verhoogt de kans op vroeggeboorte. Dat is afhankelijk van hoeveel weefsel dat er weggehaald is. Na één behandeling is het risico 1,5x zo hoog. Na twee behandelingen is het risico op vroeggeboorte 3x zo groot. Er zijn jaarlijks 5 tot 6 duizend vrouwen die behandeld worden voor een voorstadium. Een derde van hen wordt daarna nog zwanger. Dus we verwachten wel dat er vroeggeboortes voorkomen worden.’

Opportunistisch eileiders verwijderen

‘Ook bij eierstokkanker zijn er mogelijkheden voor preventie. Als we kunnen voorkomen dat iemand eierstokkanker krijgt, is dat natuurlijk het beste. Eierstokkanker wordt vaak in een laat stadium gediagnosticeerd en heeft dus een slechte prognose. Ondanks alles wat we daaraan gedaan hebben, is daarin de afgelopen tien jaar bar weinig veranderd. Dat moeten we toch echt  anders gaan doen. Eierstokkanker wordt veroorzaakt door cellen die uit de eileiders komen. Die raken los en veroorzaken later in de eierstokken de kanker. We weten niet hoeveel tijd hier tussen zit. Maar we weten wel dat als je de eileiders verwijdert, de kans op eierstokkanker veel lager wordt.’

‘Bij het verwijderen van beide eileiders daalt de kans op eierstokkanker met 70 procent. Dus als een vrouw een voltooide kinderwens heeft en er staat een buikoperatie aan te komen, bespreek dan meteen de mogelijkheid van het verwijderen van de eileiders. Dat noemen we opportunistische verwijdering van eileiders. Bijvoorbeeld bij een  baarmoederverwijdering ligt het voor de hand om dit te bespreken. En bij sterilisaties ligt het voor de hand om eileiders te verwijderen in plaats van alleen een clipje er op. In het Catharina ziekenhuis maken we nu ook chirurgen die in de buik opereren ervan bewust dat ze dit patiënten kunnen aanbieden. Als je de eileider weghaalt, blijft de eierstokfunctie gelijk. Dus de hormoonfunctie van de eierstokken wordt niet aangetast.’

‘Vrouwen met een verhoogd risico op eierstokkanker door een BRCA1/ BRCA2- mutatie hebben de keuze om preventief de eierstokken te laten verwijderen. Er loopt een onderzoek of het in eerste instantie voor hen voldoende is om de eileiders weg te halen en daarna pas de eierstokken. Dat zou voor hen echt een verschil maken, want door de verwijdering van de eierstokken rond hun veertigste is hun risico op eierstokkanker weliswaar nihil, maar komen zij abrupt in de overgang.’

‘Ook bij vrouwen met endometriose kijken we naar risicofactoren voor eierstokkanker. Vrouwen met endometriose hebben een verhoogd risico op eierstokkanker, namelijk 2% ten opzichte van 1,3 procent lifetime risk. En zij lijken het ook op wat jongere leeftijd te krijgen. Hoe weten we wie van hen risico loopt? Dat zou wellicht ook kans geven om hen de keuze te geven om zich tijdig preventief te laten opereren.’

Late gevolgen voorkomen

Preventie gaat ook over de gevolgen van de kanker zo beperkt mogelijk houden. ‘Door het beperken van systemische therapie kunnen we late gevolgen voorkomen. Een groot deel van de patiënten heeft immers na chemotherapie vermoeidheidsklachten, neuropathie en soms ook cognitieve klachten. Minder chemotherapie is dus beter.’

‘Ook in de timing en dosering van chemotherapie bij eierstokkanker kunnen we mogelijk nog verbeteringen onderzoeken. Daarin is al flink verbeterd doordat nu 70% van de hoogstadium eierstokkankerpatiënten eerst met chemo behandeld is voor de operatie. Bij eierstokkanker is het de keuze tussen direct opereren en zes keer chemo of chemo en dan opereren en dan weer chemo. Bij die laatste optie is de tumor bij operatie beperkter en hoeven er minder organen verwijderd te worden. Deze behandelingen zijn gelijkwaardig op basis van overleving. Maar wel of geen stoma maakt voor een patiënt veel uit. Ook de milt wordt soms verwijderd omdat de tumor daar dicht bij in de buurt zit. Als de tumor met chemo al is teruggedrongen dan is dit veel minder vaak nodig. Belangrijk, want met milt heb je een betere afweer. Na een grote studie alweer twintig jaar geleden die de gelijkwaardigheid van deze behandelingen voor de overleving aantoonde, krijgen de meeste vrouwen nu dus deze neo-adjuvante chemo. Er is niet zo’n grote studie naar de gevolgen op de kwaliteit van leven. Maar minder vaak een stoma en minder ingrijpende operaties waarbij minder organen worden verwijderd, hebben naar verwachting een positief effect. We moeten blijven zoeken naar manieren waarop we de behandeling effectiever maken en de kwaliteit van leven verhogen.’

Inauguratie

Ruud is helaas genoodzaakt om zijn symposium, inauguratie en feest van 12 juni as. te verplaatsen naar 23 april 2021. U kunt deze datum alvast in de agenda noteren. Nadere informatie volgt te zijner tijd.

Gerelateerd

Bevolkingsonderzoeken: hoge deelnametrouw en vroege opsporing

Bevolkingsonderzoeken: hoge deelnametrouw en vroege opsporing

IKNL verzorgt in opdracht van het RIVM de monitoring van de bevolkingsonderzoeken naar darm-, borst- en baarmoederhalskanker met als doel de kwaliteit van deze screenings te bewaken en waar nodig te verbeteren. Uit deze monitoring blijkt onder andere dat deze bijdragen aan vroege opsporing van kanker en dat de deelnamegraad hoog is. Dit duidt op een hoog vertrouwen in deze bevolkingsonderzoeken.

lees verder

Kwaliteit van leven na eierstokkanker vooral verslechterd bij ouderen

Jaren na behandeling van eierstokkanker hebben vooral ouderen een slechtere gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven in vergelijking met overeenkomstige leeftijdsgroepen in een normpopulatie. Het verschil in gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven tussen patiënten en normpopulatie is veel minder duidelijk bij vrouwen jonger dan 70 jaar. Dat blijkt uit een studie van Inez van Walree (Diakonessenhuis Utrecht) en collega’s gepubliceerd in Gynecologic Oncology. Een mogelijke verklaring is dat oudere overlevenden een lagere psychologische reserve hebben en te maken krijgen met een geleidelijke verslechtering van orgaanfuncties.

lees verder