Dag van operatie heeft geen invloed op overleving slokdarmkanker

De dag van de week waarop een slokdarmkankeroperatie plaatsvindt, heeft geen enkele invloed op de algehele overleving van patiënten met in opzet curabel slokdarmkanker. Ook is er geen relatie gevonden tussen de operatiedag en de 30-dagenmortaliteit, het aantal verwijderde lymfeklieren en het aandeel R0-resecties. Dat blijkt uit een grote population-based cohortstudie met data van de Nederlandse Kankerregistratie door Els Visser (UMC Utrecht) in samenwerking met collega’s van UMC Utrecht en IKNL. Daarmee is de suggestie in de literatuur weerlegd dat de operatiedag invloed zou hebben op de overlevingskansen van deze patiënten. 

Het doel van dit onderzoek was het beantwoorden van de vraag of de dag van uitvoering van een slokdarmkankeroperatie invloed heeft op de 30-dagenmortaliteit en de oncologische resultaten op korte en lange termijn bij patiënten met slokdarmkanker. Recent verschenen literatuur suggereert een relatie tussen de dag van de week dat een slokdarmkankeroperatie plaatsvindt en de algehele overleving van deze patiënten. Deze bevinding kan van invloed zijn op de klinische praktijk, maar is tot dusver niet gevalideerd in andere studies. 

Opzet en data
De onderzoekers identificeerden alle patiënten in de databank van de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) die tussen 2005 en 2013 een slokdarmkankeroperatie (oesophagectomie) kregen. Met behulp van multivariabele, logistische regressie werd het effect van de dag van operatie op de 30-dagenmortaliteit, het totaal aantal verwijderde lymfeklieren en het aandeel R0-resecties geëvalueerd. De algehele overleving werd bepaald met Cox-regressieanalyses. In totaal werden 3.840 patiënten opgenomen in de studie. 

Uit de analyses blijkt dat de dag van de week waarop de operatie plaatsvond, niet significant samenhangt met de 30-dagenmortaliteit, noch met het totale aantal verwijderde lymfeklieren, noch met het aandeel R0-resecties. Ook heeft de dag van operatie geen significante invloed op de totale overleving, waarbij specifieke dagen (maandag tot en met vrijdag) als discrete variabele werden gebruikt. Dat geldt eveneens voor analyses met twee dagen van de week (woensdag-vrijdag versus maandag-dinsdag) of met aparte categorieën van dagen, bijvoorbeeld dinsdag versus maandag; woensdag versus maandag; vrijdag versus maandag, enzovoort. 

Geen invloed operatiedag 
Els Visser en collega’s concluderen dat deze grote, Nederlandse population-based cohortstudie de bevinding in eerdere studies weerlegt dat de dag waarop een slokdarmkankeroperatie plaatsvindt invloed heeft op de overlevingskansen van patiënten gediagnosticeerd met in potentie curabele slokdarmkanker. Bovendien toont onderhavige studie aan dat de operatiedag geen invloed heeft op de 30-dagenmortaliteit, totaal aantal chirurgische verwijderde lymfeklieren en het aandeel R0-resecties. 

  • Visser E, van Rossum PS, Verhoeven RH, Ruurda JP, van Hillegersberg R.: ‘Impact of Weekday of Esophagectomy on Short-term and Long-term Oncological Outcomes: A Nationwide Population-based Cohort Study in the Netherlands’.

  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl

Gerelateerd

Overleving van patiënten met slokdarmkanker significant verbeterd

De overleving van patiënten met slokdarmkanker is in Nederland significant verbeterd, vooral in de meest recente periode (2005 - 2014). Dat concluderen Margreet van Putten (IKNL) en collega’s van UMC Maastricht, Catharina Ziekenhuis, Radboudumc en Erasmus MC in een studie uitgevoerd met gegevens van bijna 36.000 patiënten afkomstig uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) uit de periode 1989 - 2015.  De gestegen overleving is volgens de onderzoekers  het gevolg van verbeterde stadiëring, betere selectie van patiënten en evolutie van behandelingen, waaronder neoadjuvante therapieën en centralisatie van slokdarmkankerchirurgie.  

lees verder

Betere overleving uitgezaaide maag- en slokdarmkanker in hoogvolumecentra

Patiënten met gemetastaseerde maag- en slokdarmkanker hebben een betere overleving na palliatieve, systemische therapie in behandelcentra of chirurgische centra met een hoog behandelvolume vergeleken met therapie in centra met een laag volume. Volgens Nadia Haj Mohammad (UMC Utrecht) en collega’s is dat een unieke bevinding, omdat uitsluitend palliatieve chemotherapie, een jongere leeftijd, metastasen in een enkel orgaan en een lage lactaatdehydrogenase hebben bijgedragen aan deze verbeterde overleving. Aanvullend onderzoek moet uitwijzen welke van deze factoren geassocieerd zijn met de betere resultaten van hoogvolumecentra. 

lees verder