Overlevenden eierstokkanker: slechtere kwaliteit van leven na chemotherapie

Vrouwen met een vroeg stadium van eierstokkanker die tussen 2000 en 2010 adjuvante chemotherapie kregen, hadden in 2012 een significant slechtere score op gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven. Dit hangt samen met symptomen als perifere neuropathie, houding ten aanzien van hun ziekte en hun financiële situatie die gemiddeld tot zeven jaar na diagnose aanhouden. Dat blijkt uit een studie van Celine Bhugwandass en collega’s. De auteurs geven aan dat er inspanningen nodig zijn om het gebruik van adjuvante chemotherapie bij deze patiënten waar mogelijk te verminderen. Ook is aanvullend onderzoek nodig naar preventieve strategieën gericht op patiënten die in de toekomst adjuvante chemotherapie nodig hebben.

In de klinische praktijk bestaat er grote variatie in het gebruik van adjuvante chemotherapie bij patiënten met een vroeg stadium van epitheliale eierstokkanker. Het doel van deze studie was de verschillen in gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven te evalueren tussen patiënten met een vroeg stadium van eierstokkanker die wel of geen adjuvante chemotherapie kregen.

Vragenlijsten via PROFIEL
In de studie werden alle patiënten  (n = 191) geïncludeerd met een vroeg stadium van eierstokkanker die tussen 2000 en 2010 zijn gediagnosticeerd in Zuid-Nederland. De data waren afkomstig uit de Nederlandse Kankerregistratie. Alle geselecteerde patiënten kregen via hun specialist een uitnodiging om deel te nemen aan een vragenlijst via het patiëntenvolgsysteem PROFIEL dat IKNL in samenwerking met Tilburg University heeft ontwikkeld.

Naast algemene vragen, kregen de deelnemers ook kankerspecifieke vragen (EORTC QLQ-C30) aangeboden plus een vragenlijst over eierstokkanker (EORTC QLQ-OV28). Primaire uitkomstmaten waren generieke en kankerspecifieke scores voor gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven bij overlevenden van eierstokkanker. In totaal vulden 107 respondenten (56%) de vragenlijst in, van wie 57 patiënten (53%) die behandeld waren met adjuvante chemotherapie en 50 patiënten (47%) die enkel chirurgie kregen zonder chemotherapie. De respondenten vulden de vragenlijst gemiddeld 7 jaar na diagnose in.

Significante verschillen
De onderzoekers vonden significante verschillen in gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven in de symptomenschalen voor perifere neuropathie, houding ten aanzien van de ziekte en financiële situatie. Patiënten in de groep met adjuvante chemotherapie scoorden slechter op deze punten. Celine Bhugwandass en collega’s concluderen aan de hand van deze studie dat patiënten met adjuvante chemotherapie significant slechter scoren op de drie eerder genoemde aspecten voor gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven. 

Volgens de auteurs zijn er inspanningen nodig om het gebruik van adjuvante chemotherapie bij vrouwen met een vroeg stadium van eierstokkanker waar mogelijk te verminderen. Daarnaast is er aanvullend onderzoek nodig naar preventieve strategieën om de kwaliteit van leven op lange termijn te verbeteren van patiënten die adjuvante chemotherapie nodig hebben.
 

  • Bhugwandass CS, Pijnenborg JM, Pijlman B, Ezendam NP: ‘Effect of chemotherapy on health-related quality of life among early-stage ovarian cancer survivors: a study from the population-based PROFILES registry.

  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl

Gerelateerd

Proefschrift biedt inzicht in opties voor betere zorg bij gevorderde eierstokkanker

In Nederland krijgen elk jaar circa 1.300 vrouwen de diagnose ‘eierstokkanker’. Hoewel de 5-jaarsoverleving van deze patiënten de afgelopen decennia is verbeterd, is de langetermijnoverleving helaas niet gestegen. Dat blijkt uit het proefschrift ‘Optimising patient selection to improve outcome in advanced ovarian cancer’, waarop Maite Timmermans vrijdag 30 augustus 2019 promoveert aan de Universiteit Maastricht. Daarin onderzocht ze allerlei factoren die mogelijk kunnen bijdragen of bijgedragen hebben aan verbetering van de uitkomsten van zorg, zoals centralisatie van chirurgie, ziekenhuisvolume, regionale variatie, prognostische factoren, behandelvolgorde, wachtperiode bij chemotherapie en optimalisering van patiëntenselectie.

lees verder